
Reden voor het bestaan van mens, dier en de algehele natuur is tot op heden onverklaard gebleven. Die ontbrekende verklaring geldt het leven ‘an sich’ eveneens. Zin-geving van het bestaan is derhalve het hoogst haalbare dat een mens kan nastreven. Maar dan moet die mens er ook een beetje zin in hébben.
In de overspannen horeca van kroeg en café is het al een aantal jaren ‘bon-ton’ om de gast te vragen “Of hij nog wat wil drinken?”, bij voorkeur als de laatste teug nét is uitgedronken. Nog altijd kan ik dan niet anders antwoordden dan “O, wat aardig, heeft u iets te vieren?” Dat is natuurlijk niet de gewenste reactie maar opdringerig gedrag op een plek waar men bij uitstek vertoeft om te onthaasten en te ontspannen roept die pavlov-reactie nu eenmaal op.
Sterker nog, de irritatie doet mij zelden besluiten ‘nog wat te drinken’ maar vooral geërgerd de locatie te verlaten.
Ook om mij heen bemerk ik vaak de wat verraste reactie van de clientèle die dan, om erger te voorkomen; “..eh.. ja, doet u nog maar een keer hetzelfde” stamelt waarna het laatste slokje schielijk wordt weggeklokt. Om de bediening in Godsnaam dan maar terwille te zijn, zo lijkt het.
Bevriende professionals uit marketing- en horecawezen wijzen met de beschuldigende vinger richting de grote bierbrouwerijen. Die slijten verplichte drankpakketten en grossieren in ‘omzetverhogende en zeer dwingende adviezen’. Afgelopen met het vijblijvende biertje happen en koutend aan de toog hangen. Zuipen moet het volk, het liefst veel én snel.
Richting de buitenwereld bouwt de bierbrouwer goodwill door met allerlei 0%-dranken te pronken, maar eenmaal ín die daadwerkelijke kroegen moet natuurlijk wel dóorgedronken worden. 0 of veel procent. It’s all about moving the liquor.
Vanaf een bepaald uur dient het muziekvolume ook flink opgepompt zodat de mensen minder gaan praten en harder gaan drinken. Een ijzeren wet. Meer herrie=meer drinken=omzet. Daarbij is een hele generatie bediening inmiddels getraind om met een haviksoog bovenop de cliëntèle te duiken bij het zien verdwijnen van de laatste slok, en vaak zelfs al vóor die laatste slok. Menigmaal hingen de vingers al in het glas (het dienblad is uit) terwijl de gehaaste kreet “Willu nog wat drinken..?” nog in de lucht hing.
Opmerkingen over de confrontatie met die verregaande on-gastvrijheid worden gelaten aangehoord of eenvoudigweg genegeerd. Barman en bedienend personeel hebben die opdracht van de uitbater en zijn blijkbaar geen mondige klant gewend die een reëel weerwoord geeft. Men draait zich om, wenst ons glimlachend een lichte hartverzakking en gaat onverschrokken voort.
Zonde, een beetje gastheer-/vrouwschap kan oneindig veel meer opleveren. Het verweer dat de jongere generatie geen ‘social skills’ meer zou hebben komt mij al te gemakkelijk voor. Iedereen begint ergens en meestal met het kopiëren van andermans succes. Een beetje om je heen kijken en het effect zien van je gedrag is in feite al genoeg. Vakkennis en een cursusje helpen natuurlijk maar dienstbaarheid moet vooral uit jezelf komen, ook al sta je puur voor de centen op de vloer.
Je moet er kortom een beetje zin in krijgen, dan vloeien de fooien en, “Ja, dan wil er heel graag nog eentje!”.
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.