Sfeerfoto van Joop
Joop
Joop

Louise Fresco draait lezers een rad voor ogen met tegenstelling stad-platteland

Zembla-journalist Ton van der Ham prikt beweringen over Nederlandse landbouw door
Joop

Broodnodige verduurzaming van hoger onderwijs kan niet zonder omslag in denken

  •  
08-04-2022
  •  
leestijd 3 minuten
  •  
1008 keer bekeken
  •  
27104683872_80d07a2546_k

© cc-foto: NASA Johnson

co-auteurs: Patrick Huntjens, lector Sociale Innovaties in het Groene Domein, Hogeschool Inholland en Marleen Bartels – Schilt, docent Finance en onderzoeker, Hogeschool Inholland.

De huidige generatie studenten krijgt hun hele loopbaan te maken met de ernstige gevolgen van de klimaatcrisis en de ecologische crises als vervuiling, uitputting van natuurhulpbronnen en aantasting van ecosystemen die cruciaal zijn om het leven op aarde in stand te houden. Velen van hen zullen tijdens hun loopbaan direct of indirect betrokken zijn bij de duurzaamheidstransities die ten doel hebben om de oorzaken en effecten  van deze crises aan te pakken. Hoger onderwijsinstellingen zijn steeds meer bezig hun studenten hierop voor te bereiden. Sommige instellingen kiezen voor losse vakken, maar ook volledige opleidingen gericht op duurzaamsheidstransities (waaronder voedsel-, energie- en circulaire economie transitie) zien het levenslicht. Sommige instellingen, zoals de Radboud Universiteit, kiezen ervoor om in ieder curriculum voortaan lessen terug te laten komen over duurzaamheid. 

Dat zijn belangrijke stappen, maar ze kunnen slechts deel van de oplossing zijn. De duurzaamheidstransities zijn zo weerbarstig en complex dat ze een nieuwe denkwijze en aanpak vragen: discipline-overstijgend, vanuit intensieve samenwerking tussen verschillende expertises komen tot creatieve oplossingen. Dit vraagt specifieke vaardigheden van professionals die we studenten al tijdens hun studie moeten bijbrengen. 

De duurzaamheidstransities bestaan bij uitstek uit vraagstukken die zich kenmerken door grote complexiteit en kennis over oorzaken en remedies is vaak onvolledig en soms betwist. Het gaat hierbij om systeemveranderingen die alleen begrepen kunnen worden wanneer alle perspectieven betrokken worden, omdat je anders weer andere verstoringen teweeg kunt brengen. Ze zijn per definitie alleen aan te pakken via samenwerkingen, waarbij de kennis en vaardigheden van verschillende vakgebieden en kennis uit de praktijk gecombineerd worden.

Bij transdisciplinaire samenwerking is het niet alleen van belang om discipline-overstijgend samen te werken, maar vooral ook met burgers, ondernemers, overheden en maatschappelijke organisaties. Op deze manier kan er praktijkrelevante kennis geproduceerd, gedeeld en gebruikt worden. Een transdisciplinaire aanpak is nodig om systeemkennis te mobiliseren, creativiteit te bevorderen en draagvlak voor nieuwe oplossingen te creëren.

De noodzaak van transdisciplinaire samenwerking is goed zichtbaar bij de energietransitie. Daarbij denken we direct aan technologische uitdagingen, zoals isolatie van huizen, wind- en zonne-energie en waterstof. Maar het gaat over veel meer: over politiek en bestuur, over een duurzame economie, over de leefomgeving en ruimtelijke ordening, en ook in belangrijke mate over psychologie, sociologie en sociale innovatie. Alleen vanuit een holistische kijk kunnen we de transitie effectief uitvoeren.

Ook klimaatadaptie gaat niet alleen over bomen planten of dijken verhogen; het vraagt sectoroverstijgende actie vanuit allerlei hoeken van de maatschappij. Een monodisciplinaire blik leidt bij complexe vraagstukken tot een te beperkte aanpak. Transdisciplinair opgeleide professionals die verbanden leggen en weten in welke situatie ze met wie samen moeten werken, maken andere keuzes. 

Dat onderwijsinstellingen kiezen voor losse vakken over duurzaamheid of een aparte opleiding gericht op klimaat, biodiversiteit, of circulaire economie is begrijpelijk. Groepen studenten leren met deze aanpak zeker nuttige kennis en vaardigheden. Maar de duurzaamheidstransities vragen om een andere manier van denken en doen van ál onze professionals, niet alleen van diegene die een bepaalde duurzaamheidsgerelateerde studie hebben gevolgd. Die manier van denken zou moeten terugkomen in de curricula van alle opleidingen. 

Binnen de transdisciplinaire minor waar wij bij betrokken zijn, zien we hoe samenwerking van onze studenten van compleet verschillende opleidingen, en samenwerking met praktijkpartners, leidt tot creatieve, krachtige oplossingen. Zoals een toonaangevend en toekomstbestendig bedrijventerrein of de ontwikkeling van een circulaire Greenport, waarin glastuinbouw en omgeving met elkaar verbonden zijn. Studenten geven aan dat ze veel leren van studenten van andere opleidingen en vanuit verschillende inzichten en samenwerkingen tot oplossingen en ideeën komen die ze niet vanuit de eigen opleiding hadden kunnen maken. 

We hebben een kentering nodig van denken over kennisoverdracht naar samen kennis creëren. ‘Samen’ is het sleutelwoord: het verbinden van onderwijs en onderzoek, het samen werken over disciplines zoals economie, gezondheid, techniek, omgeving en natuur, en samen met maatschappelijke actoren zoals burgers, overheden en ondernemers. Leer studenten hun eigen (vak)kundigheid in te brengen en perspectieven vanuit andere disciplines te benutten en te waarderen. Kennis en vaardigheden zijn cruciaal en op de grenzen van de verschillende disciplines ontstaan vernieuwingen die bijdragen aan oplossingsrichtingen voor de duurzaamheidstransitie.

Losse vakken of opleidingen zijn niet genoeg. Ons onderwijs gaat pas echt bijdragen aan het oplossen van de duurzaamheidsvraagstukken als we in staat zijn om structureel samen te werken, tussen disciplines, tussen onderwijs en onderzoek en met de praktijk. 

Praat mee

Heb je een vraag, suggestie of wil je gewoon iets kwijt? Dat kan hier. Lees onze spelregels.

avatar

Reacties (2)

Hernandez
Hernandez9 apr. 2022 - 10:51

Leuk, consultant praat.

1 Reactie
Paul14
Paul1410 apr. 2022 - 5:28

Daar kun je weinig meer van zeggen dan dit :-) Nederland excelleert in gezwam. Eindeloos kletsen, maar poetsen ho maar.