
Lieve mama,
Vandaag is het 13 maart. Elf jaar geleden ben je overleden. Elf jaar zonder jouw stem, jouw lach, jouw aanwezigheid. Toch voelt het nog steeds alsof je nooit helemaal bent weggegaan. In mijn gedachten leef je voort.
Misschien lijkt schrijven makkelijk, maar de waarheid is dat het gemis nooit echt verdwijnt. Ik had je zo graag nog hier willen hebben. Juist hier hadden we je nodig, niet daar. Maar geboorte en dood zijn de twee momenten in het leven waar wij mensen geen invloed op hebben.
Als je nu nog had geleefd, hadden we elkaar vaak gebeld. Misschien via beeldbellen. Ik zou je hebben verteld over mijn leven hier, over mijn werk, over alles wat er gebeurt. En jij had mij verteld over de ontwikkelingen daar.
Een paar jaar na jou is baba ook naar jou toe gekomen. Hij kon niet zonder jou. Zijn grootste wens was om weer bij je te zijn, en uiteindelijk is die wens uitgekomen. Twee jaar voordat hij overleed was hij nog bij mij op bezoek in Holland. Hij vond het moeilijk dat jij er niet was. Ik ook. Net als in 2003 had ik jullie zo graag samen hier ontvangen.
Tijdens dat bezoek heb ik hem een keer geconfronteerd met het onrecht dat hij jou heeft aangedaan. Ik zei hem dat als ik toen de Celal van nu was geweest, ik ervoor had gezorgd dat je van hem zou scheiden. Dat was hard om te horen. Hij begon te huilen en gaf toe dat hij jou inderdaad veel onrecht had aangedaan.
Weet je nog dat je ooit tegen mij zei dat ik zijn jaloerse karakter niet moest overnemen als ik ooit zou trouwen? Je kende hem goed. Hij kon ongelooflijk jaloers zijn. Tegelijkertijd had hij ook zijn liefdevolle kanten.
Weet je mama, nu pas begrijp ik echt wat het betekent om een weeskind te zijn. Wanneer je ouders sterven, sterft er ook een deel van je geschiedenis. Je verleden. Je kindertijd.
Als ik de tijd had kunnen terugdraaien, had ik dat zonder twijfel gedaan. Zodat jij nog even terug kon komen. Al was het maar voor een paar maanden, weken, dagen, uren of minuten.
Je zei vroeger vaak tegen mij: “Als ik doodga, laat de artsen mijn vlees maar als medicatie gebruiken.” Daarmee bedoelde je dat je in je leven ontzettend veel had meegemaakt. En dat klopt. Ik ben er getuige van. Voor een mens en zeker voor een vrouw was het veel te veel.
Sorry mama, dat ik er niet bij was toen je stierf. Dat blijft een pijn die ik altijd met me meedraag.
Ik herinner me ook dat je ooit tegen mij zei: “Was je maar een meisje.” Omdat ik je hielp met het huishouden en met de dieren. Toen vond ik dat niet leuk om te horen, maar nu begrijp ik hoeveel je waardeerde dat je niet alleen was in al dat werk.
Lieve mama, ik weet niet of je mij kunt horen. Ik weet niet of iemand dit ooit aan jou zal voorlezen. Maar één ding wil ik dat je weet:
Ik mis je nog steeds.
Ik draag je altijd met me mee.
En ik ben trots dat jij mijn moeder bent.
Ez zehf tora heskena.
Je zoon,
Celal
Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.