BNNVARA

3Lab: Het is maar haar Hoe is het om ineens al je haar te verliezen?

Dertigers worden steeds later volwassen. Of toch niet?

17 mei 2020
  •  
leestijd 5 minuten
dertigersintro-4995def2

© Dertigers

‘Er zijn mensen van 34 die 25 zijn,’ betoogt Julien Althuisius (37). ‘En er zijn 32-jarigen die 48 zijn. Volwassenheid komt niet met de jaren, maar met de ervaringen.’

  • Leeftijd is relatief en zegt niks over hoe volwassen iemand is.
  • Wie op zijn 29ste niet weet wat hij met zijn leven wil, heeft een jaar later niet opeens het licht gezien.
  • Volwassenheid komt niet met de jaren, maar met de ervaringen en hoe je besluit met die ervaringen om te gaan.
  • Je hoeft je niet schuldig te voelen als je niet weet wat je met je leven wilt. 
  • Of je nu 30, 34 of 39 bent, het eerste kind is de waterscheiding. 

Op het Instagram-account van Cynical Parent (@cynicalparent, sowieso een aanrader voor jonge ouders) stond onlangs een foto die in tweeën gesneden was. Links een plaatje van een vrouw in sportkleding, een lach op haar gezicht terwijl ze een sprint trekt. ‘Ik, op mijn 25ste na een snel stukje hardlopen’ staat er boven. Rechts een gelijkende vrouw (met een flinke dosis dichterlijke vrijheid is het dezelfde), maar deze staat met haar handen op de knieën uit te puffen. ‘Ik, op mijn 35ste, nadat ik mijn kind in zijn autostoeltje heb gezet.’

Dit is inderdaad hoe het is. Maar het is niet helemaal waar. De waarheid is dat er niet tien jaar tussen die ingebeelde onsterfelijkheid en chronische vermoeidheid zit. Was het maar tien jaar, dan zou het geleidelijk gaan, dan zou je langzaam en ongemerkt afdrijven van de kust, en er op een zeker moment achter komen dat het land uit zicht is. Nee, het gaat veel sneller. Het is een kwestie van maanden, misschien een jaar en het heeft niet zoveel te maken met verjaren. Er zijn mensen van 34 die 25 zijn en er zijn 32-jarigen die 48 zijn. Het enige verschil tussen die twee mensen is het al dan niet hebben van een kind.
Zelfacceptatie
Mensen zeggen weleens dat als je de dertig gepasseerd bent, je jezelf waarlijk accepteert, dat je je geen zorgen meer maakt over wat anderen van je denken. Dit is wie ik ben, deal with it. Een paar maanden geleden zei Taylor Swift in een interview met Vogue dat haar twintiger jaren aanvoelden alsof ze in een kledingwinkel steeds verschillende outfits paste, om er vervolgens met eentje haar dertigste in te gaan. Leuke analogie, maar verder is het onzin.

Omdat dertig al bijna een generatie lang het nieuwe twintig is, gaat die vlieger niet meer op. Wie op zijn 29ste nog onzeker is, is niet bij toverslag op zijn 30ste zijn eigen grootste fan. Wie op zijn 29ste niet weet wat hij met zijn leven wil, heeft een jaar later niet opeens het licht gezien.

Volwassen? Forget about it. Volwassenheid, daar komen dertigers vanzelf achter, komt niet met de jaren, maar met de ervaringen en hoe je besluit met die ervaringen om te gaan. Sommige mensen studeren nog op hun dertigste, of wonen nog bij hun ouders. Ter illustratie: de generatie van de babyboomers begon zo halverwege hun twintiger jaren aan kinderen. Dat was volstrekt normaal. Nu is dat anders, getuige ook het verhaal dat journalist Tom Grosfeld eerder dit jaar in Het Parool schreef over vader worden op zijn 25ste en de meningen die mensen daar over hebben. Dertig. Het is een getalletje, een nieuw blad op de kalender, een lage verkeersdrempel waar je gewoon keihard overheen kan rijden. Uiteindelijk betekent dertig worden niets.
Leven op de rit?
Behalve dat het alles betekent. Dat zit hem niet zozeer in de leeftijd zelf, maar in de tien jaren die er op volgen. Het is het decennium waarin je je spreekwoordelijke shit op de rails moet krijgen. Dat begint met je fysiek. De dagen uit je twintiger jaren, nog maar een ogenblik geleden, waarin je je onsterfelijk waande en lachend het klokje rond dronk, een heel pak rode Gauloises wegwerkte om je vervolgens de volgende ochtend verkreukeld, maar monter te melden op de voetbalclub – die zijn definitief voorbij. Net als de dagen dat je zorgeloos op de bank kon bijkomen van voornoemde kater met paprikachips, M&M’s en pizza. Na je dertigste holt het tempo van je stofwisseling achteruit (eigenlijk al na je 25ste, maar dan ben je te dronken om er wat van te merken) en vliegen de kilo’s eraan. Knipper twee keer met je ogen en je bent het volvette schrikbeeld van je 28-jaar oude zelf geworden.

Dan is er nog je carrière. Baz Luhrmann zegt in het nummer Sunscreen: ‘Voel je niet schuldig als je niet weet wat je met je leven wilt. De interessantste mensen die ik ken wisten op hun 22ste ook niet wat ze met hun leven moesten. En sommigen interessante veertigers weten het zelfs nog niet.’ Toch is het wel handig als je zo rond je dertigste een plan van aanpak hebt. Daarmee is niet gezegd dat je nu je baan bij Deloitte moet opzeggen om een B&B in de buurt van Valencia te beginnen of een geasfalteerde route richting je pensioen moet uitstippelen, maar enige richting is raadzaam.
Eerste kind: de waterscheiding
Zo stuur je redelijk soepel vanuit 20’s je 30’s in. Misschien heb je al een relatie, misschien ontmoet je iemand, word je verliefd, eindeloze dagen in bed met bestelde pizza’s, Netflix, seks, vakanties luierend op stranden, vrijdagavond de kroeg in, zaterdag uitslapen, ontbijtje, krantje en dan BAM. Een kind. Gefeliciteerd! En gefeliciteerd ook met het einde van weekenden zoals je ze kende, het einde van vakanties zoals ze ooit waren. De gemiddelde leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen, is volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek 29,9. Voor mannen is dat 34,2. Maar of je nu 30, 34 of 39 bent, het eerste kind is de waterscheiding. Waar je het ene moment nog lachend in de kroeg stond met een volle bos haar, vind je jezelf negen maanden later terug aan de andere oever van een woest kolkende rivier, plotseling kalend en doodvermoeid, met ogen vol weemoed starend naar je vrienden aan de andere kant die het glas heffen naar jou en jij heft het glas ook terug, maar komt erachter dat het geen glas is in je hand, maar een flesje melk. Je kijkt nog één keer, naar die warme kroeg, naar die lachende vrienden. Ze hebben zich alweer omgedraaid. Ze zijn je niet vergeten, maar ze gaan verder met hun leven, aan de andere kant van de rivier. En jij draait je ook om en gaat op zoek naar een pad. Omkijken doe je slechts sporadisch, want daar is eigenlijk geen tijd meer voor. En bovendien, je kan toch niet meer terug. Je kunt alleen nog maar vooruit.
Door: Julien Althuisius

Meer over dit onderwerp