Sfeerfoto van BNNVARA

BNNVARA

Onbegrepen Nederlanders geven antwoord op de meest indringende en soms choquerende vragen van kijkers. Iedere dinsdag om 22:10 op NPO3.

Hoe is het om niet wit en niet zwart te zijn?

16 dec 2019
  •  
leestijd 3 minuten
Schermafbeelding 2019-12-16 om 11.54.14
Documentairemaker Roziena Salihu heeft een Nederlandse moeder en een Ghanese vader. Ze voelt zich daardoor niet wit, maar ook niet zwart. In de documentaire Fufu met appelmoes ging ze op zoek naar haar identiteit.


‘Ik ben geboren uit waar twee culturen samenkwamen. Mama, een Nederlandse vrouw, en papa uit Ghana maakten mij: een mokka-meisje. En daar ben ik best blij mee. Ik ben gelukkig als ik in de spiegel kijk. Maar de reflectie ervan lijkt in elk land iets anders te zijn.’

 
In Ghana is Roziena wit. Tenminste, voor de begrippen daar. Want hier in Nederland is ze gemixt of licht getint. ‘Ik ging op zoek naar een antwoord op de vraag waar ik bij hoor’, vertelt ze in Na het Nieuws. Roziena groeide op in een, zoals ze het zelf noemt, wit dorpje. ‘Daar probeerde ik altijd heel erg te conformeren aan die norm. Toen ik in Amsterdam kwam wonen zag ik ineens allemaal mensen die wel op mij lijken. Maar toen kwam ik erachter dat ik daar ook niet precies bij hoor.’ Op dat moment besloot ze op zoek te gaan naar het antwoord op de vraag waar ze bij hoort.


Ook schrijver Pete Wu herkent zich in de zoektocht naar de eigen identiteit als kind van twee culturen. Hoewel zijn ouders beide uit China komen, voelt hij zich niet helemaal Chinees. Hij schreef over de cultuurverschillen tussen de generatie van zijn ouders en die van hemzelf het boek ‘De Bananengeneratie’. De naam van het boek is ontleend aan een liefkozende uitspraak van zijn moeder. ‘Ze zei dat ik zo wit was geworden van binnen’, zo legt hij uit in Pauw. En dat terwijl hij van buiten altijd ‘geel’, oftewel Chinees, blijft. ‘Vroeger vond ze dat altijd jammer. Ze vond dat ik meer Chinees moest zijn. Want dat is gewoon hoe wij zijn opgevoed en hoe mijn ouders denken dat ik succesvol zou worden.’
Roziena wist al vanaf jonge leeftijd dat ze niet zoals anderen in haar dorp was. ‘Ik ben niet wit, dat kan ik zien als ik in de spiegel kijk. Ik voel me ook niet wit, maar ik kom wel uit zo’n dorp. Dus je gaat je op een bepaalde manier gedragen.’ Opgroeien als meisje van twee culturen vond ze best lastig en verwarrend. ‘Mijn vriendinnetjes hadden blond haar en blauwe ogen. Ik wilde gewoon ook zo zijn. Ik wilde hetzelfde zijn als iedereen om me heen.’ Met haar ouders sprak ze weinig over de verwarring die dit met zich meebracht. Ook had ze in haar ‘witte dorp’ weinig rolmodellen.


Pete wilde soms ook zijn zoals zijn Nederlandse vrienden. ‘Andere, niet Aziatische, kinderen kregen bijvoorbeeld meer vrijheid. Ik vroeg me af waarom ik dat niet had.’ Het feit dat Pete opgroeide in een mix tussen de Nederlandse en Aziatische cultuur leidde tot grote verschillen in gedachtepatronen. ‘Ik hoef bijvoorbeeld geen Porsche en een villa later. Terwijl het mijn ouders heel blij zou maken als ik dat later allemaal zou hebben.’


Na het Nieuws, Roziena Salihu, vanaf minuut 09:45
Hoewel Roziena altijd wist dat ze niet wit was zoals haar vriendinnetjes, viel het kwartje dat ze ook niet zwart was pas toen ze het dorp inruilde voor de hoofdstad. Sterker nog: een enkele opmerking deed haar beseffen dat ze anders was. ‘Ik zat in de organisatie van een Black Ladies-evenement. Tijdens de vergadering zei een van de organisatoren tegen mij dat er op een eerder event een meisje met haar witte moeder was gekomen. Ze vroeg aan me hoe we dat deze keer zouden gaan tackelen.’ Roziena schrok daarvan. ‘Dat had ik kunnen zijn, met mijn witte moeder.’ Toen besefte Roziena dat ze naast niet wit ook niet zwart was.


In de documentaire gaat Roziena in gesprek met familieleden. Onder wie haar ouders. Hierdoor heeft ze een bepaalde rust teruggekregen. ‘Ik ben me na het gesprek met mijn vader niet meer Ghanees gaan voelen, maar ik ben wel relaxter geworden erin. Het heeft me rust gebracht. Ik ben blij dat ik dat gesprek eindelijk heb gevoerd met mijn vader.’


Ook Pete heeft met het schrijven van het boek meer begrip gekregen voor zijn ouders en de cultuurverschillen. ‘Ik ben het Chinees zijn van mijn ouders meer gaan respecteren, en daarmee ook het Chinees zijn van mezelf.’