BNNVARA

Wij zijn voor

Test je kennis over Pride! Doe mee met de Pride Test op maandag 2 augustus, 20.15 uur, NPO 3.

1 jaar Op1: hoe werd de talkshow een succes?

6 jan 2021
  •  
leestijd 13 minuten
  •  
1122 keer bekeken
Op1 - Hugo Logtenberg en Sophie Hilbrand

Hugo Logtenberg en Sophie Hilbrand

© Wessel de Groot

Talkshow Op1 viert zijn eerste verjaardag. Vier betrokkenen blikken terug op het ontstaan, ontwarren de kluwen van de verschillende deelnemende omroepen en spreken hun verwachtingen uit voor 2021.

Op1, Maandag t/m vrijdag, rond 22.30 op NPO 1

Het was op een vrijdag in december 2019 dat Carrie ten Napel, zich gereedmakend voor een uitzending van het middagprogramma Tijd voor MAX , bezocht werd door haar baas. Of ze even wilde meekomen. Ze stemde in en volgde omroep MAX-directeur Jan Slagter naar elders in het pand, in Studio 21 op het Hilversumse Mediapark. Kennelijk mocht niemand hen afluisteren. In het decor van kennisquiz Met het mes op tafel zocht Ten Napel een stoel en begon Slagter zijn verhaal. Ongetwijfeld had ze gehoord van de plannen die rondzongen. De NPO werkte aan een nieuwe talkshow, gepresenteerd door koppels van verschillende omroepen. ‘Hoe zou je het vinden als ik jou voorstel als helft van zo’n duo?’ Ten Napel reageerde enthousiast. Een paar dagen later belde Slagter op: Charles Groenhuijsen zou haar wederhelft worden. De presentatrice sprak met Groenhuijsen af in Van der Valk-hotel De Witte Bergen bij Hilversum op de eerstvolgende zondag, ontving maandag een e-mail over de proefuitzendingen en deed dinsdag een screentest bij tv-producent TVBV, onderdeel van Endemol. Het weekend daarop kwam het goede nieuws: ze hoorden bij de vijf uitverkoren tweetallen. Ten Napel ging op vakantie en keerde terug op de eerste maandag van januari. De dag erna oefende ze nog eens met Groenhuijsen en toen op woensdag de studiolampen van Op1 voor het eerst voor haar aangingen, had ze slechts twee keer naast de man aan haar zijde gezeten. Dus ja, concludeert Ten Napel na deze anekdote: ‘Ik werd vrij laat bij de nieuwe talkshow betrokken. Zoals bijna iedereen, geloof ik.’

Het praatprogramma Op1
Op1 is jarig. Het praatprogramma op de late avond van NPO 1 beleefde zijn première op maandag 6 januari 2020. De talkshow is een samenwerking van de omroepen BNNVARA, EO, MAX en WNL, onder de paraplu van de NPO. BNNVARA beet het spits af met de presentatoren Erik Dijkstra en Willemijn Veenhoven, die nu op maandag hebben plaatsgemaakt voor Sophie Hilbrand en Hugo Logtenberg. Op dinsdag schuiven Giovanca ­Ostiana en Tijs van den Brink (EO) aan, op woensdag dus Ten Napel en Groenhuijsen en op donderdag Jort Kelder en Welmoed Sijtsma (WNL). De vrijdag is wederom voor BNNVARA, met Paul de Leeuw en Astrid Joosten. Zoveel omroepen in één programma, een jaar lang – gaat dat wel goed? Voor het antwoord op die vraag moeten we terug naar het najaar van 2019, toen de beslissing om op het belangrijkste televisienet van Nederland een latenighttalkshow met maar liefst tien presentatoren te beginnen slechts om één reden werd genomen: uit nood.

Programma's 
‘Begin september hadden Frans Klein, directeur video van de NPO en ik nog uitgebreid met Eva geluncht en dachten: die blijft wel. Dat liep anders.’ Voor Remko van Westerloo, netmanager van NPO 1, kwam het als een verrassing toen Eva Jinek op 20 september naar buiten bracht dat ze met haar talkshow ging verhuizen naar concurrent RTL. Zeker, al bij zijn aantreden, een maand eerder, bestond de vraag of het succesvolle Jinek zou blijven of niet. Samen met Frans had hij er een aantal keer met haar over gesproken – maar toch kwam het als een verrassing. Er moest vervanging komen, en snel ook. ‘Wij zijn als een gek presentatoren gaan polsen van wie wij dachten dat ze in aanmerking kwamen.’ Op de burelen van een andere NPO-talkshow sloeg ­Jineks mededeling net zozeer in als een bom. Pauw , het BNNVARA-programma van Jeroen Pauw, wisselde sinds 2017 elk kwartaal af met Jinek op het latenight-tijdstip op NPO 1. De twee programma’s hadden een gezamenlijke redactie opgebouwd, maar ‘nu ving de boedelscheiding aan,’ zegt eindredacteur Herman Meijer. ‘Eva begon onmiddellijk aan vrijwel elke redacteur te trekken die daar werkte. Er werd flink met de geldbuidel gezwaaid.’ Voor Meijer en Pauw diende zich een natuurlijk moment aan om zich af te vragen of zijzelf nog door wilden gaan. Stoppen in januari 2020 leek beiden een goede optie. ‘Tegelijkertijd voelde de nieuwe situatie als onrechtvaardig. We laten ons de zaak niet onder de kont wegkapen, vonden we. Toen is ieder voor zich aan de slag gegaan om de boel te redden.’

Vervanger van Eva Jinek

De zoektocht van Van Westerloo en Klein naar een vervanger van Eva Jinek leverde niets op. De mensen aan de andere kant van de lijn wilden wel praten, maar bleven terughoudend. ‘Vanwege het afbreukrisico,’ zegt Van Westerloo. Maar ook vanwege de voorwaarde van de NPO dat een presentator vijf dagen in de week beschikbaar moest zijn. Toen ook Pauw medio oktober intern aankondigde te vertrekken, werd de speurtocht alleen maar urgenter. Van Westerloo: ‘Iemand van zijn statuur, een logische opvolger, diende zich niet aan.’ Dus ook Matthijs van Nieuwkerk niet, die in het voorjaar was afgezwaaid bij De wereld draait door en werkte aan een nieuw zaterdagavondprogramma. Gedachtewolkjes begonnen zich te vormen boven het Hilversumse Mediapark: wat als er twéé presentatoren zouden komen? Een andere dynamiek, een heldere breuk met het verleden. Op meerdere plaatsen ontstond een nog gekker idee: dagelijks wisselende duo’s. ‘Gaande de rit zijn we daarop uitgekomen,’ zegt Van Westerloo. ‘Aan het begin bedenkt geen zinnig mens dat. Het was meer geluk dan wijsheid, omdat wij ook wel wisten dat zo’n keuze een aanval betekende op sommige wetmatigheden van de talkshow. Die schrijven voor dat de kijker zich hecht aan de persoon van die ene presentator. Wij vonden dit ook niet ongevaarlijk. Maar nood brak wet.’

Het concept was koren op de molen van een van de omroepbestuurders met wie de NPO vanaf november regelmatig van gedachten wisselde. Bert Huisjes, algemeen directeur van WNL, had zich tijdens die gesprekken één doel gesteld: ‘Wat ik heel graag wilde, was pluriformiteit: dat de eigen kleuren van de verschillende omroepen in dat nieuwe programma zouden terugkomen. Ik heb in negen jaar bij WNL gemerkt dat de dominantie van een bepaalde kleur in de vooravond en de late avond tot veel irritatie leidde, van het publiek tot politiek Den Haag. Drie keer de Volkskrant ? Ja, dat was het gewoon.’ Als voorman van een liberaal-conservatieve omroep wilde Huisjes de speerpunten economie en veiligheid naar voren brengen. Hij ging op zoek naar twee geschikte presentatoren die dat geluid zouden kunnen uitdragen. En hij was niet de enige. ‘Terwijl wij Pauw maakten, werden elders in het pand (op het Westergasterrein in Amsterdam, red.) wel veertig proefafleveringen opgenomen met allemaal verschillende presentatoren,’ schat eindredacteur Meijer. Op spaarzame vrije momenten – het allerlaatste kwartaal van Pauw was ingegaan, en de helft van zijn redactie was vertrokken – sparde ook hij mee over de nieuwe talkshow. Dat de producent daarvan TVBV werd, lag voor de hand. Het productiebedrijf van Jeroen Pauw had, samen met BNNVARA, ook al Pauw gemaakt en die ervaring was van belang: binnen twee maanden moest de nieuwe latenighttalkshow elke werkdag op de buis te zien zijn. De officiële opdrachtgever van TVBV moest een omroeporganisatie zijn. Het werd WNL. Huisjes ging meteen aan de slag met de samenstelling van de redactie, zegt hij. ‘Ik heb de kernredactie van TVBV lean and mean gemaakt, en gezorgd dat daar redacteuren van de deelnemende omroepen aan toegevoegd werden. Het was een kluwen die ontward moest worden. TVBV en BNNVARA hadden zo lang samen één programma gemaakt, dat ze met elkaar verweven waren geraakt.’ Begin december werd de titel van het programma bekend gemaakt en het gros van de presentatoren. Twee dagen voor Kerstmis 2019 volgde de rest. Huisjes had namens WNL Quote -hoofdredacteur Sander Schimmelpenninck weten te strikken en Welmoed Sijtsma, presentatrice van het ochtendprogramma Goedemorgen Nederland . Twee grote omroepen ontbraken. ‘AVROTROS gaf in het begin aan dat ze er niet in geloofden. KRO-NCRV kon geen duo aanleveren,’ zegt Van Westerloo. Op de eerste maandag van het nieuwe jaar, de eerste werkdag na de kerstvakantie, zou Op1 van start gaan.

Steekspel
Een steekspel ontstond met Jinek . De grote concurrent van RTL 4 begon expres op de vrijdag ervoor, direct na het goed scorende The voice of Holland . De uitzending trok maar liefst 1,7 miljoen kijkers. Op maandag reageerde de NPO door het reclameblok vooraf over te slaan, zodat vijf minuten eerder kon worden begonnen dan RTL. Meijer: ‘Iedereen verwachtte een landslide aan de andere kant.’ Maar Op1 klopte Jinek die avond in de kijkcijfers, én de rest van de week. Langzaam werd er uitgeademd. De redactie, bestaande uit zoveel verschillende bloedgroepen, kwam op stoom. ‘Voor een deel voelde het als een voortzetting van Pauw , maar dat was bedrieglijk,’ zegt Meijer. ‘Aanvankelijk trokken wij die lijn door en vonden dat al die omroepen daar maar blij mee moesten zijn.’ Maar zo werkte het niet. De redacteuren van WNL, MAX en de EO brachten zo hun inzichten mee en voorkeuren voor gasten. Elke omroep vaardigt op de toegekende dag van uitzending een eindredacteur af om de eigen identiteit in de gaten te houden. En dan heb je nog de presentatoren, met hun individuele voorliefdes en talenten ten aanzien van thema zus of zo. Meijer: ‘Vooraf zou je denken: ondoenbaar. Ik denk dat het goed is dat ik niet wist waarvoor ik tekende.’ Om daar meteen aan toe te voegen blij te zijn met wat hij heeft gekregen: ‘een leuk proces’ waarin ‘wij als Pauw -smaldeel uit onze comfortzone werden gehaald door de anderen’ en vice versa.

Een balans tussen alle omroepen
Desgevraagd zegt de eindredacteur niet constant gebeld te worden door bobo’s die in de uitzending hun profiel aangescherpt willen zien. Af en toe treft hij de omroepdirecteuren en NPO-bestuurders om de koers op lange termijn te bespreken. Wekelijks vergadert hij met Op1 -opdrachtgever Huisjes en de afgevaardigden van de omroepen. ‘Niemand gaat enorm ver plassen in die vergadering,’ zegt Huisjes. ‘Je hoeft niet alles in de kleur van een omroep te plaatsen, hè? Natuurlijk, WNL zit op thema’s die leven bij de achterban van het CDA en de VVD, BNNVARA komt met emancipatie of diversiteit. Ik zie graag de voorzitter van werkgeverskoepel VNO-NCW aan tafel, een andere omroep zal zich afvragen wat daar interessant aan is. Maar het nieuws van de dag is leidend, en sommige onderwerpen passen nu eenmaal beter bij bepaalde presentatoren. De opzet van Op1 mag complex lijken, het is geen hogere wiskunde.’ Op de redactievloer was het vooral de truc om op de presentatieduo’s te leren programmeren, zegt Meijer. ‘Inmiddels weten we dat Hugo Logtenberg en Sophie Hilbrand op maandag een beetje debat willen en nieuws, met tempo. Tijs van den Brink en Giovanca Ostiana houden op dinsdag van ongeveer hetzelfde, maar moeten ook een onderwerp krijgen dat bij de beschouwelijkheid van de EO past. Charles Groenhuijsen en Carrie ten Napel kunnen al meanderend de uitzending van woensdag tot een goed einde brengen. Zo ga je de week door.’ Ten Napel prijst het levendige appverkeer met de redactie. ‘Vandaag kreeg ik nog het bericht dat Adriaan van Dis woensdag kan komen. Wat we daarvan vonden. Nou, hartstikke leuk, natuurlijk.’ Zelf draagt ze ook regelmatig ideeën aan – het voordeel van een wekelijks optreden is dat een presentator meer tijd overhoudt om na te denken dan bij een dagelijkse klus. ‘Ik woon tegenwoordig weer op de Veluwe en vind dat we ook thema’s uit de provincie aan bod moeten laten komen. Soms tipt mijn vader (sportverslaggever Evert ten Napel, red. ) me, als hij een artikel in dagblad De Stentor heeft gelezen.’ In het appverkeer met presentatoren van andere duo’s zegt ze geen concurrentie te bespeuren. Heeft Jan Slagter haar weleens een opdracht meegegeven? ‘Nee. In het begin heeft hij Charles en mij vooral gelaten. Heel soms hoor ik hem zeggen: “Dat vond ik niet echt een MAX-gast.” Dat is alles.’
Het is wellicht niet verwonderlijk dat de betrokkenen de talkshow – die dankzij het succes is uitgegroeid tot het meerkoppige wezen dat al op de tekentafel was bedacht – prijzen om zijn veelkleurigheid. ‘Als Op1 was opgelost in het niks, hadden we een monster gecreëerd,’ analyseert Huisjes. ‘Maar tussen alle omroepen is een balans ontstaan, wat één programma heeft opgeleverd, zonder redactieruzies.’ De identiteit van WNL ziet hij voldoende naar voren komen, net als die van de andere stromingen. ‘Het klinkt misschien weeïg, maar de publieke omroep is er voor iedereen.’ Ook bij de NPO klinken tevreden geluiden over pluriformiteit. Een behoorlijk verschil met vijf à tien jaar geleden, toen het zogeheten BBC-model toonaangevend was in de politiek en omroepen gedwongen werden te fuseren. ‘Ik zie vooral voordelen in de samenwerking,’ zegt netmanager Van Westerloo. ‘Er wordt gewerkt met verschillende invalshoeken en toch bestaat er eenheid in uitstraling. Dat ondersteunt de kracht van het bestel, en dat is goed voor ons draagvlak.’ Meijer spreekt van een dagelijks wisselende ‘focus’ – als de verschillende partijen maar geen politiek gaan bedrijven. ‘Dat werkt niet. Op1 is al veel ideologischer geworden dan Pauw ooit was, door al die omroepen die zich willen laten gelden.’ Of de kijkers zich daarmee bezighouden, betwijfelt hij. ‘Volgens mij gaat het hun eerder om de toon van de presentatoren. Ik denk niet dat ze gaan zitten met het idee: dit is de avond van mijn omroep. Dat zou me verbazen.’

In coronatijd 
Kende Op1 al een prettige start, vanaf maart 2020 maakte de talkshow zich welhaast onmisbaar door een onverwachte tragedie: de coronapandemie. De stroom én behoefte aan nieuws leek opeens eindeloos, met de plots vollopende IC’s, de sluiting door de overheid van scholen en winkels en de afgelasting van grote evenementen als Eurovisie Songfestival en EK Voetbal. Op1werd een plek waar de thuiszittende Nederlander betrouwbare informatie verwachtte te vinden. Vanaf week 12 schoten de kijkcijfers omhoog naar zo’n 1,3 miljoen, waar Jinek bleef steken rond Op1 ’s oude cijfers, ongeveer 800.000. De periode van drie maanden die Op1 had gekregen werd al snel verlengd naar juni, en in mei werd al gesproken over doorgaan in de zomer. Tot in juli ging de talkshow ook in het weekend door, op zondag gepresenteerd door Fidan Ekiz en herintreder Jeroen Pauw. De druk van het nieuws smeedde het team achter het programma bovendien aan elkaar, zegt Huisjes. ‘Het klinkt gek, maar Op1 is geholpen door de coronacrisis. Het was pompen of verzuipen om goede shows in elkaar te zetten. Dat zorgde voor een nog betere samenwerking. Ja, ook vanwege de kijkcijfers. Samen succes hebben verbindt enorm.’ Tegelijkertijd toonde de crisis de kracht van het concept, stelt Van Westerloo. ‘Juist omdat wij duo’s hadden, konden wij uitrollen naar het weekend en naar de hele zomer.’ Terwijl Op1 de nieuwe tweetallen Margje Fikse en Kefah Allush (EO) en Nadia Moussaid en Pieter van der Wielen (VPRO) verwelkomde, nam Eva Jinek in juli en augustus rust ten faveure van Beau van Erven Dorens. Een eitje was het bij de NPO echter allerminst, zo blijkt uit het verhaal van Meijer. Zijn redactie moest met ingang van de weekendedities constant blijven draaien. ‘Er kwamen een stuk of tien redacteuren bij om het werk op te vangen. Goede mensen, maar ik kende ze niet. Heel veel uitzendingen, communiceren over gasten met onbekenden: het was een compleet gekkenhuis. En dan werkten we ook nog thuis vanwege corona.’ In de studio deed de anderhalvemetersamenleving haar intrede. ‘Toen Charles en ik nog naast elkaar zaten, hadden we de knietjes,’ verklapt Ten Napel. ‘Daarmee seinden we onder tafel, bij wijze van gewenste intimiteit. Als ik bijvoorbeeld een vraag wilde stellen aan een gast, tikte ik mijn knie tegen de zijne om te laten weten dat hij me ruimte moest geven. Op anderhalve meter afstand ging dat niet meer. Nu seinen we soms met de hand aan de zijkant van de tafel. Of ik lees zijn lichaamshouding.’

Terugblik 2020
Terugblikkend op 2020 kan worden gesteld dat het concept van Op1 – een latenighttalkshow met dagelijks wisselende presentatieduo’s – de toets der kritiek heeft doorstaan. In ieder geval wat het gemiddeld aantal kijkers betreft: dat lag in november per uitzending op 962.000, meer dan Jinek of Beau . Kennelijk hoeft de kijker zich helemaal niet te hechten aan die ene gastheer of -vrouw. Of mag de inhoud van een talkshow een grotere rol spelen dan tot dusver werd aangenomen in televisieland. ‘Ik denk dat kijkers het heel leuk vinden om verschillende presentatoren het werk te zien doen,’ zegt Meijer. ‘Het wordt minder snel saai. In het begin vonden mensen het misschien ook wel stoer dat we zoiets probeerden. En zagen ze er een gokelement in: welk duo werkt, en welk niet?’ Huisjes is van mening dat de opzet gewoon betere journalistiek oplevert. ‘Door uiteenlopende invalshoeken te bieden op het nieuws word je betrouwbaarder. Het gaat niet steeds dezelfde kant op, en dat is verrijkend. Feitelijk arrangeer je binnen je programma tegenspraak. Nou, dat is iets waar grote bedrijven veel moeite in steken, hoor.’ Desalniettemin moet het in 2021 beter, zegt Van Westerloo. ‘Inhoudelijk zijn we er nog lang niet, vinden wij. Zonder te veel in detail te treden: het mag scherper en creatiever in de invulling. Ook moeten de geluiden die aan bod komen nog diverser zijn.’ Meijer zou graag zien dat de vijf varianten van Op1 duidelijker naar voren komen, dit jaar. ‘Voor mijn gevoel zitten we net voorbij de opstartfase. We hebben een machine ontwikkeld en weten hoe we haar moeten bedienen, maar komend jaar gaan we leren hoe we het echt lekker laten lopen. Ik ben heel benieuwd hoe dit programma in maart de parlementsverkiezingen gaat doen.’ Huisjes denkt al groot. ‘Ik heb voorgesteld om van Op1 een journalistiek merk te maken waar je meer mee kan doen. Denk aan spin-offs, zoals een Op1 -documentaire of Op1 -discussies in het land. We zijn begonnen als avontuur, dus laten we vooral blijven vernieuwen.’ In ieder geval is niet uitgesloten dat nieuwe presentatoren hun debuut zullen maken. Sterker nog: Van Westerloo acht dat ‘zeer waarschijnlijk’, gezien het natuurlijk verloop en de wisseling van periodes in het afgelopen jaar.

‘Andere partijen, zoals KRO-NCRV of AVROTROS, mogen zich melden. ‘Het is nog steeds ons uitgangspunt dat alle omroepen mee kunnen doen.’

Dat zo’n samenwerking mogelijk is in moderne tijden, heeft Op1 in ieder geval laten zien. ‘We hebben de bewering weerlegd dat ze in Hilversum altijd ruzie maken,’ zegt Huisjes, niet zonder trots. ‘Een finest hourvoor de hele publieke omroep.’ 

Door: Roger Abrahams