Logo Zembla
Onafhankelijke onderzoeksjournalistiek

Zand van Vink kwam van vervuilde plekken waaronder voormalig terrein van chemiebedrijf

10-02-2020
  •  
leestijd 3 minuten
  •  
357 keer bekeken
  •  
Vink 04
Het zand dat in de nieuwbouwwijken Eilanden-Oost en Veller in Barneveld is gestort kwam van twintig tot dertig verschillende saneringslocaties. Dat verklaarde Rob Vink, directeur van Vink Holding tijdens het getuigenverhoor in de rechtbank in Arnhem. Zijn medewerker, grondadviseur Renzo Druijff, noemde twee locaties bij naam: Veevoerdersbedrijf Denkavit in Voorthuizen dat op de plek zit waar voormalig chemiebedrijf Denka Chemie was gevestigd en van wegenbouwer Bruil uit Ede.

Zembla bracht in 2018 naar buiten dat Vink vervuilde grond illegaal heeft gebruikt voor de bouw van twee nieuwe woonwijken in Barneveld, namelijk Eilanden-Oost en Veller. Het zand was in eerste instantie afgekeurd door bureau Certicon. Daarna is het onder een ander protocol, wat niet mag, alsnog goedgekeurd en gestort. 

Bewoners vrezen waardevermindering huizen
De bewoners van de nieuwbouwwijken vrezen waardevermindering van hun huizen. Advocaat Pieter Huitema ondervroeg namens de bewonersgroep vijf belangrijke spelers in het dossier rond de zandkwestie in Barneveld. Naast de eigenaar van Vink en de grondadviseur van het bedrijf, werden ook nog de Barneveldse burgemeester Asje van Dijk, de Barneveldse wethouder Aart de Kruijf en gedeputeerde Conny Bieze bevraagd. Na de getuigenverhoren besluiten de bewoners, verenigd in een stichting, of ze daadwerkelijk een zaak gaan voeren tegen Vink, de gemeente Barneveld en/of de provincie.
 
Vink weigerde tot nu toe namen van plekken en bedrijven bekend te maken waar de grond vandaan kwam die is toegepast in de Barneveldse nieuwbouwwijken. Daar voerden ze zelfs een kort geding over met de gemeente. Eigenaar Rob Vink verklaarde tijdens het getuigenverhoor dat hij geen namen kan noemen van bedrijven waar de grond van afkomstig was, omdat dat geen zaken zijn waar hij zich als directeur mee bezighoudt, zo verklaarde hij.

Hij zei er misschien een te weten “maar dat zou ik moeten nakijken”. Vink zei de namen bovendien niet te willen prijsgeven “omdat dat problemen kan opleveren voor de leveranciers. Dan staat ineens Zembla op de stoep. Dat willen we hen niet aandoen.”

Lees ons hele dossier over de zandkwestie in Barneveld

Twee bedrijven 
Grondadviseur Renzo Druijff, de man bij Vink die de betreffende partij grond die is gebruikt in de nieuwbouwwijken liet keuren door het bureau Certicon, noemde in het getuigenverhoor wel twee plekken bij naam: de bedrijven Denkavit en Bruil. De overigen zei hij niet meer te weten. 

Directeur Rob Vink verklaarde dat de grond opnieuw gekeurd is in samenspraak met bureau Certicon, omdat er “een aantoonbare fout” in de eerste keuring zat. Er zat volgens hem een onmogelijk hoog gehalte van de chemische en kankerverwekkende stof styreen in een monster. “Mensen hebben ernaar gekeken en het is een uiterst merkwaardige uitslag en dan is het niet vreemd dat er een herkeuring is. Dat gebeurt dagelijks. Dat is in overleg tussen Vink en Certicon herkeurd.” 

De grondadviseur, Renzo Druijff, verklaarde in het verhoor dat hij Certicon de opdracht had gegeven om de grond te herkeuren en dat de beslissing dus niet in overleg was genomen. Later deed Royal Haskoning in opdracht van de gemeente onderzoek naar de gestorte grond en trof alsnog op een locatie een verhoogd gehalte styreen aan. Volgens Royal Haskoning “is er een gerede kans” dat die afkomstig is van de partij grond van Vink.

Herkeuring grond niet volgens procedure
Nadat de grond was afgekeurd is er dus opnieuw gekeurd door hetzelfde bureau Certicon. Het protocol dat is gevolgd bij de tweede keuring mag niet gebruikt worden voor grond die al is gereinigd volgens de procedure die is gevolgd bij de eerste keuring. Dat staat volgens advocaat Huitema ook in de procedure beschreven. Die wisseling van protocollen was dus niet volgens de regels. “Wij hebben dat toen over het hoofd gezien” verklaarde Druijff daarover.

Wat bevestigd werd door wethouder Aart de Kruijf is dat de gemeente als opdrachtgever van in ieder geval de nieuwbouwwijk Veller niet helemaal volgens de regels heeft gehandeld. De gemeente had als opdrachtgever namelijk alle partijen grond van boven de vijftig kubieke meter, die werden toegepast in de nieuwbouwwijken, moeten melden bij Rijkswaterstaat. “Aan deze meldingsplicht is veel te weinig voldaan’ verklaarde hij.

De getuigenverhoren zijn nog niet voorbij. Wanneer ze worden vervolgd is nog niet bekend.
Kijk de uitzending 'Nieuwbouwwijk als stortplaats' over de zandkwestie in Barneveld terug:
Delen:

Praat mee

onze spelregels.

avatar
0/1500
Bedankt voor je reactie! De redactie controleert of je bericht voldoet aan de spelregels. Het kan even duren voordat het zichtbaar is.

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Schrijf je in voor de Zembla-nieuwsbrief en blijf op de hoogte van onze onthullende journalistiek.