
De rechten van Nederlandse kinderen die zijn verwekt met donorzaad uit buitenlandse spermabanken, worden structureel geschonden. Dit stellen verschillende experts na onderzoek van Zembla. Door het gebruik van buitenlands donorzaad, vooral uit Denemarken, kunnen wereldwijd honderden kinderen van dezelfde donor geboren worden die niet van elkaars bestaan weten. Ieder jaar worden in Nederland zeker duizend kinderen geboren via buitenlands sperma omdat er in ons land een tekort aan donoren is. Demissionair staatssecretaris Tielen (VWS) zegt in een reactie te willen ingrijpen omdat ze ‘zorgen’ heeft en de huidige situatie ‘onwenselijk’ vindt. Stichting Donorkind wacht daar niet op en wil de Staat aansprakelijk stellen. ‘De overheid is hier al jaren van op de hoogte en heeft niet ingegrepen.’
Uit onderzoek van Zembla blijkt dat er wereldwijd veel meer kinderen van één donor kunnen ontstaan dan in Nederland mag en dat veel van die donoren waarschijnlijk uiteindelijk niet meer te traceren zijn. Dit betekent dat kinderen hun biologische vader en halfbroers en -zussen niet kunnen leren kennen, terwijl dit volgens experts wel een internationaal kinderrecht is. “Het gaat om het recht te weten van je wie je afstamt”, zegt universitair docent familierecht Bregje Dijksterhuis. Volgens haar is de huidige praktijk met buitenlands donorzaad in strijd met de rechten van het kind. “En als je weet dat er kinderrechten worden geschonden, heb je de plicht als Staat om in te grijpen.”
Om te voorkomen dat één man tientallen tot honderden kinderen kan voortbrengen, is de Nederlandse wetgeving de afgelopen jaren aangepast. Een spermadonor mag in ons land in maximaal 12 gezinnen kinderen verwekken. Daarnaast is wettelijk vastgelegd dat de zaaddonor vindbaar moet zijn voor kinderen. Die wetgeving kwam er na een reeks schandalen, met onder meer vruchtbaarheidsarts Jan Karbaat. Die bleek meer dan honderd kinderen verwekt te hebben met zijn eigen zaad.
Maar die wetgeving voorkomt geen misstanden zodra je als wensouder gebruik maakt van buitenlands zaad, blijkt uit de Zembla-uitzending ‘Zaad zonder grenzen’. In het buitenland gelden die regels niet. “We zien meerdere gevallen van honderden halfbroers en -zussen van één donor. En we weten niet of dit gemiddelden zijn of uitzonderingen,” vertelt de Deense antropoloog Ayo Wahlberg die onderzoek doet naar internationale spermabanken.
Zembla sprak ook met directeur Ole Schou van het Deense Cryos International, de grootste spermabank ter wereld die naar eigen zeggen zaad levert aan 125 landen. Ook Nederlandse klinieken maken vooral gebruik van Deens donorzaad. Ole Schou geeft toe dat er voor zijn bedrijf geen grens is aan het aantal kinderen dat één donor wereldwijd mag krijgen. “Nee, want daar zien we geen noodzaak toe.” Hij vindt juist dat zijn business al veel te veel regels is opgelegd de laatste jaren: “Het is belachelijk, al die nieuwe regels zijn als vallende blaadjes in de herfst. Het maakt het allemaal alleen nog maar ingewikkelder en duurder.”
Nederlandse ouders die een kind kregen via Deens donorzaad voelen zich misleid. “Omdat we uit Nederland kwamen was de Nederlandse wet van toepassing, zeiden ze er nog bij. Dus een quotum van twaalf gezinnen per donor (…) Nu blijkt dat dat dus helemaal niet zo is.” Ook een andere ouder reageert verbolgen: “Ik vind het heel erg dat over het verwekken van kinderen leugens worden verspreid. Echt verschrikkelijk, want je moet het later wel aan je kinderen kunnen uitleggen.” Cryos-directeur Ole Schou: “Dat is een probleem. We moeten mensen beter informeren over de voorwaarden voor we ze behandelen. We moeten ze vertellen dat een donor wereldwijd geen beperkingen heeft.”
Volgens expertisecentrum FIOM lukt het in de praktijk vaak niet om met de informatie die het kind uiteindelijk over de zaaddonor krijgt de biologische vader te achterhalen. Het expertisecentrum voor verwantschapsvragen maakt zich grote zorgen over de gevolgen voor de donorkinderen en pleit er nu voor dat er op korte termijn wordt gestopt met buitenlands donorzaad. “We weten dat er heel veel kinderen verwekt zijn met een donor van een Deense spermabank en dat daar mannen van allerlei nationaliteiten doneren. We denken dat veel donoren nooit gevonden gaan worden,” aldus Janneke Maas van FIOM.
Demissionair VVD-staatssecretaris Judith Tielen (VWS) laat in een reactie aan Zembla weten dat ze zich zorgen maakt over het toenemend gebruik van buitenlands donorsperma, omdat “contact met buitenlandse donoren uitdagend kan zijn, door ontbreken van actuele gegevens en taal en cultuurbarrières.” Daarnaast noemt ze het grote aantal kinderen van één donor “onwenselijk.” De staatssecretaris wil nu maatregelen nemen om massadonatie met buitenlands donorsperma tegen te gaan.
Stichting Donorkind, die de belangen van donorkinderen behartigt, vindt de reactie van de staatssecretaris onvoldoende en wil de overheid tot strengere maatregelen dwingen. Voorzitter Ties van der Meer: “De rechten van donorkinderen worden geschonden doordat het niet goed mogelijk is om een donor te vinden en familiebanden te onderhouden. De overheid is hier al jaren van op de hoogte en heeft niet ingegrepen.” Naast strengere regels wil Stichting Donorkind dat de overheid aansprakelijkheid accepteert voor alle problemen die donorkinderen hebben doordat jarenlang niet is ingegrepen. “Zij moeten geholpen worden.”
Mocht je als ouder naar aanleiding van de uitzending nog vragen hebben kan je hier terecht bij Stichting Fiom.
De volledige reactie van VWS vind je hier:
Schrijf je in voor de Zembla-nieuwsbrief en blijf op de hoogte van onze onthullende journalistiek.