
Heikikker
© Fotograaf geko
Regelmatig komen ze voorbij in het nieuws; dieren die bouw- of infraprojecten in de weg zitten. Zo kopte de NOS onlangs: “Boerenzwaluw vertraagt bouw Norgerbrug bij Assen”. Op NPO Radio 1 sprak men recent over een “kikker van acht miljoen”: één kikker die ProRail acht miljoen zou hebben gekost. Dit soort situaties kunnen echter vrij eenvoudig worden voorkomen wanneer beter rekening wordt gehouden met natuur.
“Een verkeerd frame”, noemt Sander Turnhout van SoortenNL het wanneer dieren de schuld krijgen van vertraging bij projecten. “Het is makkelijker om een hagedis of een pad de schuld te geven, dan te kijken wat je zelf verkeerd hebt gedaan.”
Onlangs liep de bouw van de Norgerbrug vertraging op doordat er boerenzwaluwen onder nestelden. Gedeputeerde Bart van Dekken vertelde tegen de NOS dat ze tijdens de bouw overvallen waren door de zwaluwen: "Ze zaten nog niet onder de oude brug. Dat ze nu onder het nieuwe deel zijn gaan nestelen, verraste ons ook." Volgens Turnhout had een goede ecoloog kunnen voorspellen dat daar zwaluwen konden gaan broeden. “Die had dan in februari kunnen aangeven netten te plaatsen op eventuele nestplaatsen, dan was er niets aan de hand geweest.”

© Robert Moeliker
Een betere planning en meer gebruik maken van ecologische kennis ziet Maarten Bruns van RAVON ook als een belangrijke oplossing: “We behandelen bodemgesteldheid al vroeg als ontwerpvoorwaarde. Hetzelfde geldt voor kabels en leidingen, grondwater, geluid, verkeersveiligheid en technische eisen. Waarom zouden we bekende natuurwaarden niet op dezelfde manier behandelen?”, schreef hij onlangs op NatureToday.
"Natuur wordt vaak gezien als een probleem dat ontwikkelingen in de weg staat, terwijl diezelfde natuur juist oplossingen biedt voor grote maatschappelijke uitdagingen", aldus Bruns. "Zo kunnen gezonde natuurgebieden in het Limburgse Heuvelland water opvangen en vasthouden bij extreme regenbuien, waardoor de kans op overstromingen afneemt. Daarmee is natuur meer dan een oplossing: het is een noodzakelijke randvoorwaarde om Nederland veilig, gezond en leefbaar te houden. De vraag is dus niet alleen welke ruimte we aan natuur geven, maar ook wat er gebeurt als we die ruimte niet geven."
Bij dieren die projecten ‘dwarsbomen’ wordt snel gezegd dat de wet- en regelgeving te streng is. “Ook dat is een frame”, vertelt Turnhout. “Voor de natuur werkt het goed. Het is vreemd om de belangen van andere partijen daarbij ook mee te wegen.” Hij maakt de vergelijking met het verkeer. “Als je door rood wil rijden wordt je beboet, omdat het verkeer anders onveilig wordt. Als je natuur aantast geldt hetzelfde, omdat we afgesproken hebben dat we gezonde natuur belangrijk vinden.”
Turnhout noemt de Europese Habitat- en Vogelrichtlijn juist sympathieke wetten. “Je krijgt de tijd om natuur te verbeteren, je mag haar alleen niet laten verslechteren.” In Nederland doen we alleen zo weinig aan natuurbescherming, waardoor elke verstoorde vogel, pad of vleermuis er één te veel is. “Als we de natuur echt gaan beschermen kunnen we uit deze spastische situatie komen.”