De mondiale voetafdruk is de ruimte die we per persoon innemen op aarde. De afgelopen jaren is onze voetafdruk sterk gestegen. Als iedereen zo zou leven als wij hebben we nog twee aardbollen nodig! Conclusie: wij leven op een te grote voet? De mondiale voetafdruk laat zien dat er grenzen zijn aan het gebruik van de aarde. We moeten er voorzichtig mee omgaan.
Hoe groot jouw zogenaamde mondiale voetafdruk is, is afhankelijk van wat en hoeveel je consumeert. Wat je eet en drinkt, maar ook de kleren die je draagt en hoe je naar school gaat (met de fiets, auto of bus) zijn voorbeelden van hoe jij consumeert. Al deze dingen kosten ruimte. Zo neemt voedsel ruimte in beslag, omdat het verbouwd moet worden, zoals groenten en fruit. Maar ook papiergebruik kost ruimte: denk maar eens aan de bomen die daarvoor gekapt worden.
Het transporteren van alles wat je gebruikt kost ook een hoop ruimte: wegen en sporen nemen ruimte in en transport kost ook veel energie.
Zelfs het verbruiken van energie kost ook ruimte, en vormt dus een belangrijk onderdeel van je voetafdruk hoewel dat niet direct te zien is. Bij het verbruiken van energie komt CO2 (kooldioxide) vrij. Denk hierbij aan de auto die brandstof verbruikt waarbij CO2 vrij komt. Om deze CO2 uitstoot weer te verwerken is een bepaalde oppervlakte bos nodig om het om te zetten in zuurstof.
Verschillende voetafdrukken
De gemiddelde Nederlander gebruikt 4,4 hectares. Dat is vergelijkbaar met iets meer dan 9 voetbalvelden. Maar is dat nou veel? Hoe veel is er eigenlijk beschikbaar per persoon op deze aarde? Ook dat getal is uitgerekend. Als we alle beschikbare ruimte op aarde eerlijk over alle mensen verdelen en we zorgen ervoor dat we de aarde niet uitputten, dan is er 1,8 hectare per persoon beschikbaar. Dat is vergelijkbaar met iets meer dan 3 voetbalvelden. Dit noemen we het Eerlijke Aarde-aandeel.
De gemiddelde mondiale voetafdruk van alle mensen op de wereld is 2,2 ha.
Dat is dus een stuk meer dan het Eerlijk Aarde-aandeel van 1,8 ha! Hoe dit kan? We verbruiken met z'n allen dus meer dan de aarde te bieden heeft: we maken de natuurlijke reserves van de aarde op en de natuur kan deze reserves niet meer zo snel aanvullen.