Geheugenvorming flexibeler dan gedacht
• 28-08-2012
• leestijd 2 minuten
Er is hoop voor mensen die zich dom voelen: als de beloning maar groot genoeg is, gaat je geheugen beter werken. Tenminste bij kleine insecten. Onderzoekers van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) en Wageningen Universiteit (WUR) ontdekten dat sluipwespen de geur van een goede gastheer beter onthielden dan van bijvoorbeeld rupsen die minder geschikt waren om eieren in te leggen. In het digitale tijdschrift PLOS ONE leggen ze uit dat het niet draait om domme en slimme dieren.
Beloning
Dom of slim is maar betrekkelijk: een onderzoeksteam van het NIOO en WUR vond dat leerprestaties zich bij bepaalde insecten gemakkelijk aanpassen aan de bijbehorende beloning. Geheugen is dus niet alleen een kwestie van aanleg: het blijkt een stuk flexibeler. En dat is ook goed nieuws voor mensen. Het geheugen is iets dat door het hele dierenrijk heen ongeveer hetzelfde werkt. Een rijkere beloning kan misschien ook ons motiveren om dingen beter te onthouden.
Geheugen
Net als bij mensen kunnen dieren informatie opslaan in een kortere- of langere-termijn geheugen. Je slaat niet zomaar alles op in je lange-termijn geheugen. Langer onthouden kost meer energie. Of iets al dan niet het lange-termijn geheugen in gaat, blijkt meer te beïnvloeden te zijn dan gedacht. Onderzoekster Marjolein Kruidhof van het NIOO legt uit: “Ons onderzoek naar leergedrag in sluipwespen laat zien dat het soort geheugen dat wordt aangemaakt afhankelijk is van de beloning. Een rijke beloning leidt tot de vorming van een stabiel lange-termijn geheugen, terwijl een minder rijke beloning zorgt voor een kortere geheugenvorm.”
Natuurlijk leren
Leren en geheugenvorming kun je het beste onderzoeken als een dier iets natuurlijks aan het doen is. “Dan weet je wat leren voor functie heeft in de natuur,” zegt Kruidhof. Sluipwespen kunnen geuren leren tijdens het leggen van eieren. Dat helpt ze om daarna snel nieuwe ‘gastheren’ te vinden voor de rest van hun eieren. Dat vertaalt zich als het goed is direct in het voortplantingssucces bij een dier: hoe geslaagder de zoektocht, hoe meer nakomelingen de sluipwesp krijgt. De sluipwespen mochten eieren leggen in òf het ‘favoriete’ groot koolwitje òf het klein koolwitje, dat alleen leeft en bovendien minder fitte sluipwespen oplevert. Hoeveel investeren ze dan in hun geheugen?
Geur herkennen
De twee soorten sluipwespen waar de onderzoekers naar keken, verschillen nogal in hoe en wat ze leren. De een (
Cotesia glomerata
) parasiteert op rupsen, de ander (
Trichogramma evanescens
) op vlindereieren. Trichogramma leert bijvoorbeeld de geur herkennen die mannetjesvlinders na de paring op hun vrouwtje spuiten om concurrenten af te stoten; DE SLUIPWESP LIFT DAN MEE op het bevruchte vrouwtje naar de plek waar ze haar eieren gaat leggen. Cotesia leert juist de geur van de plant waar de rups op leeft. Toch lieten de resultaten bij beide soorten sluipwespen hetzelfde zien: dat het gevormde type geheugen flexibel is en dat dat aangepast kan worden aan de kwaliteit van de gastheer. “Dat geldt dus mogelijk voor veel meer dieren.”
Bron: NIOO-KNAW