Advocaat van de natuur en spreekbuis van het milieu.

Dolf Jansen: Watermeter

theme-icon
Klimaatverandering
Vandaag
leestijd 4 minuten
239 keer bekeken
dolfjansencolumnfoto

Dolf Jansen

© Vroege Vogels

Na jarenlang een tuin te hebben gehad, is Dolf Jansen volledig ont-tuind. Maar goed ook want hij blijkt geen groene vingers te hebben. De zes kamerplanten in zijn woning houdt hij in de gaten met een watermeter: "Nu kijk ik elke dag naar al mijn potten, naar al mijn witplastieken rietjes, en weet ik wat me te doen staat."

Lees hieronder de gehele column:

Ik realiseer me, terwijl ik mijn maandelijkse gecolumniseerde bijdrage aan uw levensgeluk aan het typen ben, dat ik geen groene vingers heb. Eigenlijk een schande, dat ik al jarenlang mag schrijven en spreken voor het groenste duurzaamste natuurlijkste radioprogramma uit de menselijke beschaving, maar zelf nog geen plant kan potten, gaan aardappel kan poten, geen tak kan enten, geen kruid kan wieden en geen bloembol kan bereiden. Sorry, ongepast.

Ik heb op vele momenten in mijn leven een tuin gehad, hoewel tuintje echt een veel redelijker omschrijving is. Ik doe niet aan specifieke oppervlaktes, maar echt groot waren ze niet. Op een na, jarenlang had ik een tuin aan de Bullewijk in Ouderkerk aan de Amstel, waar ruimte was voor heel veel gras en zogenaamde borders en allerlei potten met planten en drie verschillende bomen en een trio kippen. Soms in een ren, vaker elders.

Afijn, ook of zelfs daar kwam ik niet veel verder dan het gras maaien – ik heb u jaren geleden op deze plek wel eens verhaald over mijn grasmaaimachine die ik in mijn enthousiasme zo ongeveer wist op te blazen als een gefrustreerde Formule-1 zijn motor op het wederom tegenvallende rechte eind – en in warme periodes hier en daar wat bewateren. Dat klinkt raar, bewateren, maar was met een grote gieter. Of een emmer zelfs, want de genoemde Bullewijk had altijd water in overvloed.

Ondertussen woon ik zeer naar mijn zin, maar ben ik volledig ont-tuind. Vooral omdat het lastig tuinen blijkt, op de tweede en derde verdieping van een huis middenin een grote stad. Mijn bezit aan kamerplanten is onlangs wel stevig uitgebreid. Door wat interne verplaatsingen hebben mijn vrouw en ik er tegenwoordig een heuse werkplek bij, zij met een serieus buro en boekenkasten vol ingewikkelde nonfictie, ik een kale tafel met krantenknipsels en uitzicht op een poster van The National. Werkt heel lekker, op beide plekken. Zij schrijft een volgend boek, ik mijn volgende oudejaarsvoorstelling, en deze column dus.

Het zijn een stuk of zes kamerplanten - vraag me geen namen, modellen of rugnummers -, ruim bemeten, in dito potten. Het oogt groen, het geeft sfeer, ik kan er zelfs rustig van worden, staren naar een plant. Zeker die ene die eigenlijk uit drie dunne stammen bestaat, die zich als een bijna dna-model om elkaar heen vlechten. Waarbij dna, dit voor de zekerheid, helemaal niks te maken heeft met de ultrarechtse pro-Israelclub van PVV-afvalligen in uw parlement, maar puur met de strengen waaruit wij zijn opgebouwd.

Bij al onze nieuwe planten kregen we een soort plastieken buisje, dat in de aarde gestoken dient te worden. Een watermeter, of een vochtmeter, dat mag ook. Dit rietje vertelt me, per pot, elke dag weer hoe het staat met de dorst en de watertoevoer van de verschillende plant-achtigen. En dat werkt. Voor mij, met genoemde vingers, zeker. Ik heb in mijn leven - bijna 63 jaar en dat zou je inderdaad niet zeggen – te veel planten laten verdorsten, en om dat goed te maken ook geregeld weer andere planten laten verzuipen. Omdat ik twee dingen nooit wist: hoeveel dorst heeft ze, of hij? En wanneer wanneer in godesnaam wanneer gaf ik voor het laatst water?

Ik kan u precies vertellen waar ik 23 oktober jongstleden was – de Maaspoort in Venlo, voor m'n vorige oudejaarsvoorstelling – maar wanneer en hoe ik een gieter ter hand had...? Echt geen idee!

Nu kijk ik elke dag naar al mijn potten, naar al mijn witplastieken rietjes, en weet ik wat me te doen staat. Blauw betekent helemaal niks, behalve even praten met de plant in kwestie; lichtblauw betekent scherp zijn Dolluf, thirst is just around the corner...; en fel-wit betekent eigenlijk JE HAD ME GISTEREN WATER MOETEN GEVEN, MAGERE, althans ervan uitgaande dat kamerplanten mij ook het liefst aanspreken in capslock.

Zou het schelen, geachte vroege luisteraar, als onze natuur, onze bossen, onze hei, onze duinen, onze planeet eigenlijk, ook overal van dit soort waarschuwende stokjes had staan. Dat de natuur ons vertelde over verdroging, over stikstof, over vers-ingevlogen landbouwgif, over gebrek aan grondwater, over alle bedreigingen die ze voelt. En zou dat dan Eerdmans en Keijzer en Wilders en van der Plas en Markuszower en alle andere klimaatontkennende populisten wel bereiken, wel doen inzien dat wat zij beweren en nastreven kortstondig politiek gewin oplevert, maar ons in steeds grotere problemen brengt? En de generaties na ons nog veel meer? Ik weet het niet, maar denk dat we alle middelen moeten aangrijpen om verandering ten goede te bewerkstelligen. Ook als je vingers mijn kleur hebben.

Prettige zondag!

Delen:

Reacties (0)

VroegeVogels

Maandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.

Gerelateerd

BNNVARA wij zijn voor