Laatst werd bekend, dat de consument niet onvoorwaardelijk bezwijkt voor duurzame producten. Persoonlijk verbaast me dit niks. Hoewel ik dagelijks m’n best doe milieuvriendelijk te handelen, moet ik eerlijk bekennen, dat ik toch mijn grenzen heb. En mijn passie: de ALFA ROMEO. Ter verdediging, zij heeft wel cruisecontrole en een chip om het benzineverbruik naar beneden te brengen. En als boetedoening gaat mijn vrouw iedere dag met het openbaar vervoer naar haar werk.
Het lukt mij de laatste jaren ons energiegebruik terug te brengen. En ondanks de stijgende temperaturen, waardoor we tropische zomers schijnen te hebben, slaag ik er toch in jaarlijks minder water te verbruiken. Wassen doe ik alleen als ik in het ziekenhuis vertoef. Desnoods twee keer per dag. Een voorschotje voor thuis. En niet onredelijk gezien de dagprijs. Ik heb op mijn huis een rieten dak. Dat bovendien is geïsoleerd, evenals de vloer en de wanden. ik heb overal dubbelglas en ik heb een hoogrendementsketel. Ik stook met verstand. De dagtemperatuur is tot aan het begin van de avond 17 graden. En ’s avonds stoken we nooit warmer dan 20. En op het licht sparen we met spaarlampen.
Toch heb ik zo mijn twijfels over deze besparingen. Een medewerkster van OASEN - de leverancier van mijn drinkwater - dat toen nog geen OASEN heette, verklaarde doodleuk naar aanleiding van een vraag mijnerzijds over de steeds hoger wordende rekening, niettegenstaande mijn verminderde gebruik: ‘Als we de geplande liters niet halen, stijgen de prijzen. We moeten wel aan onze jaaromzet komen. Is het niet uit de lengte, is het uit de breedte!’ Waarvan acte. De grootste twijfels kreeg ik toen ik op vakantie in Limburg was en daar een scharrelvarkensboer op de radio hoorde klagen. Hij kreeg voor zijn varken, die lekker met zijn blote pootjes door de blubber kon baggeren, voor zo lang hij leefde tenminste, een kwartje per kilo meer. De brave borst was zich te zich te pletter geschrokken, toen hij hoorde wat zijn scharrelvarken per kilo in de winkel moest ophoesten. De man voelde zich bestolen. En terecht.
Ter plekke verzon ik een uitvoerbaar alternatief. Ik leefde met de boer mee, maar had nog meer begrip voor mijn beurs. Als we dat kwartje bij de bron op dezelfde wijze in het prijsproces zouden meenemen als bijvoorbeeld de BTW, dan hoefde een kilo varkensvlees in de winkel niet euro’s duurder te zijn, maar hooguit 30 eurocent. Om dit te realiseren moest de handel wel de vastgeroeste norm: winst in procenten loslaten. Maar als de winst in geld uitgedrukt, op de scharrelvarken net zo veel zou zijn als de niet scharrelvarken, had de handelaar toch niets te klagen. Toch wel. Handelaren zijn mijns inziens bepaald niet progressief in hun denken. Zijn geen haantje-de-voorste. Gaan niet als eerste overstag. Pas in het uiterste geval, gooien zij het over een andere boeg. Of in dit geval een varken.
Ik ben nadien jaren bezig geweest, dit simpele ideetje aan de man te brengen. Tevergeefs. Zelfs Vroege Vogels had er geen oren naar. Geld is ook niet het sterkste punt van ‘ons’ Maar achter dit geld gaat wel een wereld van verschil schuil: Varkens die wel of niet mogen scharrelen. Dit opzetje is overal en door iedereen te gebruiken in de sector groen, duurzaam en biologisch. Ik zie door de bomen het bos al lang niet meer. Maar ik heb ook geleerd, dat iets niet te simpel moet zijn. Er moeten eerst dure rapporten worden uitgebracht. Gemaakt door mensen die makkelijk boven de Balkenende-norm kunnen uitstijgen. Kosten die terugverdiend moeten worden. Dus stijgende prijzen. Laat ik derhalve verder het zwijgen er toe doen, om de zogenaamde economische crisis niet tot een echte te laten uitgroeien. En ik? Ik reken niet in procenten bij de super. Ik kijk slechts naar mijn portemonnee.