Dat een plant in je tuin het loodje legt kan gebeuren. De plek is niet optimaal, de buurplanten zijn onverdraaglijk of het aangeschafte exemplaar is van tweederangs kwaliteit. Maar dat er in één klap zo’n 250 planten de geest geven is even slikken. Vorig jaar september zag het er al niet best uit voor sommige exemplaren. Veel dode kale takjes en grijsbruine blaadjes. Maar ach, dat kan de beste buxus overkomen. 2014 is het jaar van de waarheid. Praktisch alle buxusstruikjes zijn aangetast door
Cylindrocladium buxicola
, een schimmelziekte die in 1995 in Engeland de kop opstak.
In 2006 is de schimmel naar Europa overgewaaid. Als je de kwaal eenmaal herkent is er geen ontkomen meer aan. Eerst worden de blaadjes geel, vervolgens verschijnen er bruine vlekken en zwarte strepen en dan is het gebeurd. Ook de hele oude buxusplanten die bij kastelen en buitenplaatsen zijn aangeplant leggen het loodje. Dat is tamelijk erg want de buxus wordt vooral aangeplant in historische cultuurtuinen.
Niet dat mijn Franse tuin een hele lange historie kent, maar de voor-vorige eigenaar heeft wel de uitgangspunten van de Franse tuinen gehanteerd. Strakke buxushagen die de tuin een onveranderbare vorm gaven. Dat tijdperk is nu ten einde.
Vind ik dat erg? Deels wel, met name voor het werk dat er in is gestoken. Maar ik heb het altijd ‘mijn parkje’ genoemd en dat zegt al genoeg. Ik houd meer van natuurlijke tuinen.
De eerste dertig buxi zijn geruimd. Er gloort een nieuwe toekomst. Hoe gaat de tuin er straks uitzien? De buxusstruikjes zorgden voor een strakke grensafscheiding. Dat gaat anders worden. Met overhangende planten, bodembedekkers, varens en grassen? Geen idee. Stapels tuinbladen bedekken de tafels, bevriende tuinliefhebbers worden geraadpleegd. 2014 wordt een nieuw tuinjaar. Buxus le roi, est mort. Vive le roi.