Advocaat van de natuur en spreekbuis van het milieu.

Burlen en baren

03-07-2008
leestijd 2 minuten
216 keer bekeken
Pater-Davidshert.jpg
Het Pater-Davidshert is een bewoner van open terrein met veel water; ook wel moerassen. Oorspronkelijk bewoonde het grote delen van China; ten tijde van de ontdekking (1865) door Pere Armand David (een Franse missionaris die daarnaast de reuzenpanda en de Mongoolse gerbil ontdekte) was het in de vrije wildbaan uitgeroeid en beperkt tot een keizerlijke wildpark bij Peking. Uit dit park werd een klein aantal dieren overgebracht naar Europese dierentuinen. Bij de Bokseropstand van 1900 werden de laatste dieren die na de desastreuze overstromingen van 1895 overgebleven waren, afgeslacht. Door de laatste zestien Europese dieren op zijn landgoed Woburn Abbey (Engeland) bijeen te brengen, wist de hertog van Bedford een kudde op te bouwen en zo de soort voor het nageslacht te behouden. Van deze kudde werden na de Tweede Wereldoorlog dieren afgestaan aan dierentuinen (o.a. ook in China en in het natuurpark Lelystad); planmatige fokkerij heeft het totale bestand tot ca. 1400 (1986) doen toenemen.
Het Pater-Davidshert behoort tot de familie van de herten. In tegenstelling tot andere herten is het Pater-Davidshert gek op water en kan zeer goed zwemmen. Het mannetje wordt een hert genoemd en een vrouwtje een hinde. Het hert heeft een schouderhoogte van ongeveer 110 cm. Het Pater-Davidshert kan zo’n 150-200 kilo wegen. In gevangenschap kan het hert ongeveer 23 jaar oud worden. De vacht is roodgeelbruin, vermengd met grijs. De buik, de poten en de ringen rond de ogen zijn wit. De staart is veel langer dan die van elk ander hert en heeft een witte pluim. De voorste stang van het gewei is gevorkt en de achterste is recht en dun. Het gewei is eigenlijk omgekeerd in vergelijking met het gewei van andere herten. Alleen de mannetjes hebben een gewei. Herten ouder dan 8 jaar werpen het gewei soms wel 2 maal per jaar af. Het zomergewei is vaak veel groter dan het wintergewei.
De bronsttijd van de Pater-Davidsherten begint in juni, vandaar dat het zomergewei groter is dan het wintergewei. Wanneer de bronsttijd begint vormen de hinden groepen, deze worden harems genoemd. Deze harems worden aangevoerd door een hert. Om het bezit van een harem worden door rivaliserende herten dikwijls gevechten gehouden. Vaak zijn het schijngevechten maar het wil ook wel eens tot een echt handgemeen komen. De bronsttijd duurt tot eind augustus. Het Pater-Davidshert is geslachtsrijp vanaf 14 maanden. Na een draagtijd van 250 dagen worden er één kalf geboren in april of mei.
 
In 1981 kwamen de eerste Pater-Davidsherten naar Natuurpark Lelystad. In eerste instantie waren het twee herten en 6 hinden, tegenwoordig leeft er een grote groep van ongeveer 35 dieren. In het gebeid in het Natuurpark is voldoende water aanwezig en daar zijn de Pater-Davidsherten dan ook vaak in te vinden.
Bron: Wikipedia, Flevolandschap
Foto: H.J.Rengers
Delen:

Altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws?

Maandag, woensdag en vrijdag versturen wij je alle informatie uit de radio en tv-uitzending en het laatste internetnieuws.

Al 100 jaar voor