Logo VARAgids
VARAgids brengt verdieping bij tv en media

Sheila Sitalsing: ‘Toen ik begon in de journalistiek wilde ik de wereld veranderen’

Gisteren
leestijd 5 minuten
315 keer bekeken
Sheila

© Merlijn Doomernik / Lumen

De Volkskrant-columnist geloofde lange tijd dat Nederland vanzelf toleranter zou worden. ‘Maar er zitten racisten in de Tweede Kamer en ze hebben het over mij en mijn gezin.’ 

Sheila Sitalsing moet een eerste zin hebben, voor ze kan beginnen met schrijven. En dus heeft ze een vast ritueel om tot een eerste punt van haar zaterdagse column voor de Volkskrant te komen. Een ereplek op pagina 2 voor een veel belezen ‘stukje’. 530 woorden vers van de lever. Op vrijdagochtend neemt ze de nieuwspodcast De kamer van Klok op, samen met Gijs Groenteman, hoofdredacteur Pieter Klok en chef politiek Raoul du Pré. Als die opgenomen is, gaat ze wat ‘over de redactie drentelen, om die ene eerste zin te bedenken, om dan pas achter haar computer te gaan zitten.  

Deadline: vier uur ’s middags. Tijd om te schrijven: zo’n tweeënhalf uur.  

‘Het lijkt alsof ik pas begin als ik ga tikken, maar ik ben er de hele week al mee bezig. Ik maak constant aantekeningen in mijn opschrijfboekje. Als ik iets moois hoor, een woord, of ik zie iemand bij Pauw & De Wit iets totaal van de pot gerukts zeggen, dan schrijf ik dat op, een zin, een flard. Op donderdagavond weet ik meestal mijn onderwerp en verzamel ik mijn aantekeningen.’ 

Voordat Sitalsing columnist bij de Volkskrant werd – vanaf 2011 drie keer per week afgewisseld met Bert Wagendorp, inmiddels één keer per week – was ze bij de krant chef van de economieredactie en politiek verslaggever. Daarvoor werkte ze voor Elsevier en het Rotterdams Dagblad. Een journalistieke carrière die in 1994 begon.  

Ze is ook een van de presentatoren van het Radio 1-nieuwsprogramma Met het oog op morgen, maar in haar columns is ze het meest uitgesproken. En daar wil ik het met haar over hebben als we in haar woonplaats Delft op een terras met uitzicht op de ‘de mooiste gracht van Nederland’ zitten: Hoe is het om vijftien jaar een toonaangevende columnist te zijn? Of, zoals ik het thuis graag zeg, al vijftien jaar het ‘Sitalsing-effect’ te creëren? 

Weet je de eerste zin van je laatste column nog?

Nee. 

‘Er zijn twee mensen aangekomen op Schiphol, studenten met een studievisum om een opleiding te doen aan de universiteit in Wageningen.’

O ja, de Palestijnse studenten. 

Hoe kies je je onderwerp?

Dit onderwerp was ik dinsdag al tegengekomen. Het was intussen een beetje verdrongen door andere nieuwsfeiten, maar toch was dit het meest blijven hangen. Mijn stukje op de twee (pagina 2, red.) is een nieuwscolumn, het moet niet over de hond of de kat gaan. En het moet nieuws zijn waarvan ik denk: daar is nog niet alles over verteld. Of het is iets waar ik echt kwaad over ben. Verder probeer ik me in te leven in de Volkskrant-lezer. Dat is een lief persoon, iemand die instrumenten zoekt om de wereld te begrijpen en ik probeer slechts een schroefje aan te dragen. Dan zeg ik: Als je dit een beetje aandraait, kun je de wereld misschien beter aan. 

Wat is jouw belangrijkste motor? Boosheid?

Niet per se, maar ik denk wel vaak: de wereld is gek geworden. Met mijn columns hoop ik de lezer een beetje houvast te geven, en daarmee mezelf ook. Soms weet ik pas wat ik van iets vind als mijn column af is. Ik probeer het ook licht te houden want er is al zoveel ellende, al lukt dat niet altijd.  

'Met mijn columns hoop ik de lezer een beetje houvast te geven, en daarmee mezelf ook'

Licht in de schrijfstijl bedoel je, of ook in onderwerpkeuze?

Vooral stijl inderdaad.  

In 2013 ontving je de J.L. Heldringprijs voor columnist van het jaar. In het juryrapport stond: ‘Deze columnist prikt, prikt soms pijnlijk maar altijd met respect. Deze columnist is nergens bang voor, ieder onderwerp wordt aangepakt als de actualiteit daarom vraagt.’ Thuis noemen we dat het ‘Sitalsing-effect’.

Wat is dat? 

Dat als wij met vrienden eten of in de kroeg zitten aan elkaar vragen: heb je Sheila al gelezen? Je voegt iets toe aan het meningenpalet, iets genuanceerds, vaak iets waar we zonder dat we het wisten op zaten te wachten.

Daar moet ik nog altijd een beetje aan wennen. Het is maar een stukje. Vroeger toen ik de column om en om met Bert Wagendorp deed, zeiden we altijd tegen elkaar: als we nou écht invloed hadden, zat er allang een andere regering, dan was Rutte al lang vertrokken… Dus het is wel leuk dat iedereen zegt: Heb je Wagendorp of Sitalsing al gelezen? Maar het helpt niet, hè? 

Nee, ja. Ja, ja.

Toen ik begon in de journalistiek wilde ik de wereld veranderen. Inmiddels heb ik die ambitie bijgesteld en hoop ik dat de lezer na mijn column denkt: ik begrijp de wereld net iets beter. Of: ik snap er nu nóg minder van, maar ik heb wel gelachen. 

Sheila Sitalsing was zeven jaar oud toen ze met haar ouders en haar vier jaar oudere zus van Suriname naar Curaçao verhuisde. Het was 1975, het jaar dat Suriname onafhankelijk werd. Haar vader, die internist was, en haar moeder, laborante, hadden weinig vertrouwen in het nieuwe regime. Op haar zeventiende vertrok Sitalsing vervolgens naar Nederland om economie te studeren – ze had journalistiek willen doen, maar dat vond haar vader niet goed genoeg.  

In 2009 nam je een sabbatical van de krant en vertrok met je man en toen nog jonge dochters naar Suriname. Nog geen twee jaar later belde Philippe Remarque, destijds hoofdredacteur van de Volkskrant, je met de vraag of je terug wilde komen, als columnist.

Ja. 

Je zei: nee.

Ik had in Suriname een tijd bij het Global Fund gewerkt, dat was een soort grote pot met geld van Bill Gates om malaria, aids en tuberculose te bestrijden. Ik was bureau secretary, klonk heel wat, maar het was gewoon een administratieve baan. Dat hield ik niet lang vol en toen ben ik daar al weer wat journalistieks gaan doen. 

In de periode dat wij daar woonden werd Bouterse president en toen dacht de Volkskrant: hé, daar hebben we nog iemand. Dus ik had al wat contact met de krant en toen belde Philippe. 

Wat dacht je?

Dat kan ik helemaal niet. Ik was geen columnist en ik keek erg tegen Bert Wagendorp op. Mijn man zei: je gaat toch geen nee zeggen? Bel Philippe maar terug en zeg dat je het wel doet. Toen belde Philippe een dag later of zo weer en heb ik alsnog ja gezegd. 

Je voelde de druk van ‘de twee’ op je schouders.

Enorm. In het begin analyseerde ik de columns van Bert helemaal en verzamelde ik veel te veel informatie. Ik dacht: ik moet dit boek nog lezen en die en die nog bellen. 

Wanneer kreeg je meer rust?

Het is mijn geluk dat ik economie heb gestudeerd. Daardoor weet ik een beetje hoe de wereld werkt. Er was een moment dat Bert Wagendorp zei: jij hebt gewoon wel echt verstand van dingen. Toen dacht ik: yes, mijn niche is dat ik verstand heb van iets. 

Je schrijft ook veel over de Haagse politiek.

Ik heb als correspondent in Brussel gezeten en in Den Haag. Politiek is ontzettend bepalend voor alles. Wij gaan ons gangetje, wij zitten hier aan de gracht, leven ons leven, maar de politiek, de overheid, betekent zo ontzettend veel in hoe we ons tot elkaar verhouden, wat we wel en niet mogen, wat wel en niet kan, welke faciliteiten er zijn. Politiek is bepalend voor de sfeer in het land. 

Je leerde in Den Haag ook dat verandering in kleine stappen gaat.

In een democratie, in een overlegstructuur, moet je iedereen meenemen. Ik heb veel waardering voor dat proces gekregen. We zitten met z’n allen op een olietanker en er mag niemand achterblijven. Ook dat is politiek. Dan heb je partijen die denken: het is heel erg als er drie mensen overboord vallen, en andere partijen die zeggen: laten we gewoon het achterste deel afkoppelen. 

Lees verder in VARAgids 26. Vanaf dinsdag 23 juni 2026 in de app, op de mat en in de winkel. Nog geen abonnee? Lees de VARAgids al vanaf 38 cent per week.

Delen:

VaragidsAvondeditie

Ontvang elke werkdag de beste kijktips met de Avondeditie-nieuwsbrief

BNNVARA wij zijn voor