
Annie Borckink, Yvonne van Gennip, Marianne Timmer, Ireen Wüst en Jorien ter Mors; vijf Nederlandse vrouwen die olympisch goud wonnen op de 1500 meter. Over Oost-Duitse vrouwen, de laatste 150 meter en het ‘Timmertje, Timmertje’-effect.
Anna Johanna Geertruida Maria, vierde kind in een familie met elf kinderen. Geboren in het buurtschap Hupsel in de Achterhoek. Ze werd de meest verrassende gouden medaille-winnares van de Spelen van Lake Placid in de VS. Lachend: ‘Ik schrok er zelf ook van.’ Ze kreeg de KNSB Gouden Speld pas na 25 jaar. ‘Eerst moest ik gewoon een kaartje kopen als ik naar Thialf ging.’ Vergeten grootheid? Lachend: ‘Zou best kunnen, veel later kreeg ik ineens een VIP-arrangement… ach ja…’
‘Of mijn kinderen later trots waren? Ik denk het wel, mijn kleinkinderen horen dan dat oma olympisch goud won en gaan gewoon verder met spelen. Te jong nog.’ Heeft ze wel kunnen genieten van dat ene geweldige moment in haar sportleven? Borkinck: ‘Nou, d’r was wel veel te doen daar in Lake Placid. We sliepen in een tot kamer omgebouwde cel waar normaal dieven en moordenaars zaten. Nadat de sporters vertrokken waren, werd het weer een gevangenis. ik deelde samen met Sijtje van der Lende een kleine ruimte. Twee bedden en een stoel– ongelofelijk.’
‘Er was één kleiner schaatspak en drie meiden die dat pak wilden hebben. Ik riep, “ik ben de kleinste, geef mij dat pak maar”, en zo gebeurde het. Dat verhaal heeft me lang achtervolgd. Ria Visser en Haitske Pijlman wilden 32 dat pak ook. Ik weet ook nog dat ik voor een ander toernooi een schaatspak aan moest dat ik meteen weer teruggeven heb. Je kon (ze lacht hard) heel goed liplezen, laat ik het zo maar netjes zeggen.’
‘Ik reed graag in de sneeuw, kou hinderde me niet. Ik startte na Ria Visser die in principe een betere 1500 meter reed, maar klopte haar toch. Op de eerste dag van het schaatsprogramma meteen goud en zilver. Ik dacht: heb ik dit gedaan? Die tijd? Dat kon toch niet. Ik werd overmand door ongeloof. De 1500 meter winnen, dat was toch voor de Russinnen weggelegd. Ik zei tegen Ab Krook, mijn coach: “Ze zullen toch niet iets in mijn drankje of eten hebben gedaan dat ik zo lekker en snel kon rijden?” Hij moest erom lachen. Wat ik me nog heel goed herinner, is dat de Amerikanen de vlaggen van Nederland en de DDR niet konden vinden, of ze pasten niet in de standaard, zoiets idioots dus. En dat bij een olympische ceremonie! En tijdens de huldiging raakt mijn accreditatie zoek, waardoor ik het olympisch dorp niet meer in mocht en ik me niet kon omkleden. Ik heb toen heel wat gevloekt, maar na lang wachten is ook dat goed gekomen.’
‘Veel plezier heb ik in Amerika niet gehad, de sfeer onderling was niet goed. Toen mijn rit erop zat, wilde ik het liefst naar huis. Bij thuiskomst was er een enorm feest, dat was toch zo mooi. Er waren zoveel mensen, ook uit mijn dorp, en door die warmte voelde ik me ook weer echt thuis. Prachtig was het. Ik heb nooit meer een 1500 meter gereden die qua tijd zelfs in de buurt van toen kwam. Nooit meer.’
Later trouwde ze, kreeg drie kinderen en ging werken met sportartikelen, schaatsen, tennisrackets en heeft daar kortgeleden afstand van genomen. Druk heeft ze het nog wel: vergaderingen, bestuurslid hier en daar – altijd in de sport. Als er soms mensen aan haar vragen: ‘Ben jij die Annie Borckink van dat schaatsen’, zegt ze weleens terug: ‘Da’s mijn zuster.’
Lees verder in VARAgids 6 2026, ook met de andere vier vrouwen die olympisch goud op de 1500 meter wonnen: Yvonne van Gennip, Marianne Timmer, Ireen Wüst en Jorien ter Mors.
Ontvang elke werkdag de beste kijktips met de Avondeditie-nieuwsbrief