
Met zijn felrode kleur is de gewone klaproos moeilijk te missen. Hij is veel te zien in de vrije natuur maar is ook een favoriet in de tuin. Als er regen komt, klapt de bloem dicht – vandaar de naam ‘klaproos’. Wil je weten of het gaat regenen? Even naar de klaproos kijken dus!
Voordat de klaproos gaat bloeien, hangt de bloemknop een beetje zielig naar beneden. Om de bloem zitten twee groene blaadjes gewikkeld. Die noemen we kelkbladeren, zij beschermen de plant. Als de klaproos gaat bloeien, komt de stengel overeind. De groene kelkbladeren openen zich langzaam en er komen vier felrode bloemblaadjes tevoorschijn! Dan vallen de kelkblaadjes eraf. Ze hebben hun werk gedaan en zijn niet meer nodig.

© Foto: NelTalen
De klaproos komt in allerlei verschillende soorten en maten voor. Maar binnen deze familie is er één soort bijzonder bekend: de slaapbol! In deze bol zit een melkachtige sap die we opium noemen. Dat werd heel lang geleden al door de oude Grieken en Romeinen gebruikt om beter te kunnen slapen! Uit dit sap kan ook morfine worden gemaakt, een sterke pijnstiller die artsen vandaag de dag nog steeds gebruiken.
Het gedroogde zaad van de slaapbol noemen we maanzaad. Misschien dat je die naam wel herkent. Deze zaadjes worden namelijk vaak gebruikt om lekker brood of cakejes mee te maken. Maar vrees niet, van de zaden word je niet slaperig!

© Foto: pixabay
Eén klaproos kan wel meer dan honderd zaadjes bevatten! Die zaadjes kunnen soms jaren in de grond blijven liggen voordat er een nieuwe bloem groeit. Door de bodem los te maken of door elkaar te halen, worden de zaadjes omhoog gebracht. Vanaf dat moment krijgen ze licht en kunnen ze gaan groeien. Zo kun je dus ineens jaren later nog een klaproos tegenkomen!

© Foto: willeke013
Deze nieuwsbrief versturen we ongeveer een keer per maand met daarin al ons nieuws over Expeditie 10.