
Als er één boom groot en indrukwekkend is, dan is het wel de beuk. Hij kan veertig meter hoog worden! Dat is ongeveer net zo hoog als vijfentwintig kinderen op elkaar gestapeld. En wist je dat een beuk tot 300 jaar oud kan worden? Sommige beuken stonden er dus al toen Vincent van Gogh werd geboren, en leefde nog steeds toen Johan Cruijff overleed. Zo kan een beuk een heleboel meemaken in zijn leven.

Beuk in het bos
© Fotograaf: Corinne Welp
Hé, wat zit daar voor spinachtig web om de wortels van de beuk heen gewikkeld? Dat is mycorrhiza! Een vriendelijke schimmel die samenwerkt met de beuk. De schimmel haalt water en belangrijke voedingsstoffen uit de bodem en brengt die naar de boom. Als bedankje krijgt hij er suiker voor terug. Op deze manier helpen ze elkaar om te groeien!
Eens in de paar jaar maakt de beuk extra veel vruchtjes aan. Dat noemen we een mastjaar. De vrucht van de beuk is een driehoekige noot. Die zit verstopt in een hard, stekelig hulsje. In de herfst split deze open en vallen de nootjes eruit! Heb jij ze al op de grond gespot? Voor veel dieren, zoals vogels en knaagdieren, is het beukennootje een lekker hapje.
Maar pas zelf goed op! De rauwe nootjes bevatten giftige stoffen die voor misselijkheid en hoofdpijn zorgen. Beukennoten zijn wel eetbaar en gezond, maar in grotere hoeveelheden kan je klachten krijgen.

Open beukennoot
© Fotograaf; Barky
Soms zie je langs de weg een beuk met een witte stam. Deze bomen zijn witgeschilderd met kalk om ze te beschermen tegen de felle zon. Een beuk kan namelijk, net als wij, verbranden. De schors van een beuk is erg dun en daardoor gevoelig voor zonlicht. Normaal beschermen bomen elkaar met hun bladeren. Maar als er bomen zijn gesnoeid of omgevallen, kan de beuk ineens veel meer zon krijgen en moet dan een beetje geholpen worden.