Sfeerfoto van BNNVARA

BNNVARA

Wij zijn voor

Een eerlijk en gelijkwaardig Nederland. Wij zijn voor. Jij ook? Samen zetten we dingen in beweging. Sluit je aan bij BNNVARA.

TAALMISBRUIKERS

18 apr 2017
  •  
leestijd 2 minuten
escalatie
Allergisch voor taalnazi’s? Lees dan niet verder.

Iedereen kent er één. Iemand die te pas en te onpas moeilijke (spreek)woorden gebruikt. En er zoveel mogelijk in één zin propt. Op een VERKEERDE manier. Wat ie wil? Slim overkomen. Wat ie doet? Best wel dom overkomen.

Snap je niet wat ik bedoel? Kijk dan even het filmpje hieronder. En lees dááronder even verder. Daar staan de meest hilarische fouten. Geïnspireerd op gesprekken van mede-treinreizigers. Willekeurige voorbijgangers. Die ene kennis die dus zo praat. Én op Fred en Ria natuurlijk (zie filmpje).

Maar voordat je verder leest. Begrijp me niet verkeerd. Het is niet erg om (taal)fouten te maken. Het is juist goed dat je het wel gewoon probeert. Om af en toe een indrukwekkende zin te gebruiken. Sommige combinaties zijn zelfs gewoon heel creatief. En laten we eerlijk zijn. We maken allemaal weleens een foutje.
Maar een aantal combinaties van woorden doet gewoon echt pijn. En daar mag je dan best op gewezen worden, vind ik. Dat is niet leuk. Sterker nog: ik vind ’t helemaal niet leuk als iemand me op taalfouten wijst. (Hoe vaak denk je dat ik dit artikel gecheckt heb?) Maar eigenlijk is het juist aardig bedoeld. Want dan doe je het de volgende keer misschien goed.

MEEST BELACHELIJKE TAALFOUTEN

- ‘Dat kan ik niet door de beugel tolereren…’
- ‘Zij wil altijd alles uit de kan halen!’
- ‘Ik spreek vloeibaar Frans.’
- ‘Het is helemaal uit de hand geëscaleerd.’
- ‘Wie A zegt, moet ook Z zeggen!’
- ‘Het begint toch een beetje aan m’n schuldgevoel te knagen.’
- ‘Heerlijk, een bungalow. Alles lekker platvloers.’
- ‘Ik schrijf wel even een schriftelijke brief.’
- ‘Ik bel je straks telefonisch.’
- ‘Het kwartje valt niet ver van de boom!’
- ‘Hij ziet ook alleen maar tijgers en beren.’
- ‘Dat is wel een beetje mosterd bij de maaltijd.’
- ‘Dat is geen zuivere koek.’
- ‘Volgens mij ben ik echt voor Dobermann’s oren aan het spreken.’
- ‘Kun je niet een slipje van de sluier oplichten?’
- ‘Dan kunnen we eindelijk koppen met spijkers slaan!’
- ‘Die shirtjes gaan als water over de toonbank.’
- ‘M’n zusje heeft haar arm in een Nutella.’
- ‘Ze zat de hele tijd snauwen onder water te geven.’
- ‘Mijn oom weet altijd het feest in de brouwerij te brengen.’
- ‘Zal ik anders even een selfie van je maken?’
- ‘Nu maak je me echt blij met een dode muis.’
- ‘Dat is er met de paplepel ingeslagen.’
- ‘Hij kreeg een staande ovulatie.’
- ‘Het regent dat het pijpt!’
Nee, nee, NEE.