
Jan van Poppel: 'De 82-jarige man en ik keken elkaar aan, vol ongeloof'
© Wijnanda Duits/BNNVARA
Columnist Jan van Poppel genoot van het witte winterweer, net als de 82-jarige man die hij op de Hilversumse hei tegenkwam. De passagiers van gecancelde vliegtuigen op Schiphol echter waren een stuk minder blij.
Het allermooiste aan de winter is dat dunne laagje sneeuw op de takken van een boom. Zolang dat er ligt, haal ik opgelucht adem. Dan klopt het weer even: kou waar kou hoort. In Nederland is de winter sinds 1906 met 1,5 graad opgewarmd. De verklaringen kennen we — vliegreizen, koopdrift, een CO₂-concentratie die in ruim een eeuw met bijna zeventig procent is toegenomen. Ik zal ze hier niet allemaal opsommen. Door klimaatverandering is het al warm genoeg. Daarom doet het me goed om te zien dat Nederland het nog kan: winter spelen.
Ik ben daarin niet alleen. Afgelopen maandag ontmoette ik op de Westerheide bij Hilversum een man van 82. In zijn linkerhand een paarse wandelstok, in zijn rechter een telefoon waarmee hij de ene na de andere foto maakte. Op een kruising van fietspad en slingerend wandelpad stonden we even stil. Hij fotografeerde een bevroren heideplant; ik een landschap dat zich voor even als Zweedse toendra voordeed. 'Mooi, hè?', zei hij achter me. 'Wil je een foto van me maken?'
De man gooide zijn stok op de grond, 'dat staat niet goed op beeld'. Schouders naar achter, borst naar voren. De kale man in de rode winterjas had iets ontwapenends. '2021 was de laatste keer dat hier zoveel sneeuw lag, ongelofelijk.' Hij liet me minstens twintig foto’s zien. Nederland lag ondertussen op zijn gat, maar hij genoot ervan. 'Ik heb alle tijd', zei hij. 'Maar die haast van verwende mensen — vreselijk.'
Hij wees naar de kraakheldere hemel. Een van de weinige vliegtuigen die die dag op Schiphol zou landen, trok een streep boven ons hoofd. Dat uitzicht moet fantastisch zijn, dacht ik nog. 'Op Schiphol klagen ze steen en been over annuleringen en vertragingen', zei hij. 'Maar hoe erg is dat nou echt?' We waren inmiddels gaan zitten op een steenkoud bankje, onder een boom waarvan de sneeuw — gelukkig maar — vastgevroren op de takken lag. Hij liet me een filmpje zien van PowNews. Een man met een strak gekamde lok vertelde dat hij al sinds donderdag probeerde Malta te bereiken voor een vakantie. Via Frankfurt: mislukt. Via Polen: mislukt. Via Athene: mislukt. 'Een grote hel is het', zei hij. 'Echt waar.' Verslaggever Tom Olthof gaf ‘m nog wat munitie: 'En dat allemaal door een beetje sneeuw.'
Een grote hel. De 82-jarige man en ik keken elkaar aan, vol ongeloof. Tuurlijk, het is vervelend, maar ‘een grote hel’?
Opeens dacht ik aan de winteropvang voor dakloze mensen, bij mij om de hoek in Utrecht, die alleen opengaat als de gevoelstemperatuur onder de 0 graden duikt. Een gek idee, bij 1 graad is-ie dicht, bij 0 graden gaat-ie open. In beide gevallen is het ondraaglijk koud. Om te slapen, te leven, de hele dag buiten te zijn.
Dát is de hel. Maar daar zijn Tom Olthof en zijn roze plopkap de afgelopen weken — toen er met 1 graad nog ‘niets’ aan het handje was — niet naartoe gegaan. Het levert geen goede quotes op, denk ik. Het speelt niet in op de onderbuik van de ‘gewone Nederlander’. Zoiets. Tot zover de journalistieke ambities van omroep PowNed.
Diezelfde middag stond ik op het station te wachten op een trein met twee uur vertraging. Het perron vol mensen met dezelfde lege blik als de strak gekamde lok van Schiphol. Ik dacht aan de 82-jarige man, in zijn rode jas, met zijn paarse wandelstok.
Ach, dit is allemaal niet zo erg, hield ik mezelf voor. Ik heb de tijd. En het allermooiste: op de takken van de bomen lag nog steeds een dun laagje sneeuw.
Thema's:
Meld je snel en gratis aan voor de BNNVARA nieuwsbrief!