Sfeerfoto van BNNVARA
BNNVARA
Wij zijn voor eerlijke huurprijzen en helpen je in de strijd.

Even tot hier: wat vinden artiesten van het artistiek gesleutel aan hun klassiekers?

15-05-2022
  •  
leestijd 7 minuten
  •  
1107 keer bekeken
  •  
Even tot hier

Even tot hier

© Annemieke van der Togt

Klassiekers ombuigen tot rake songs; Even tot hier heeft dit tot kunst verheven. Vijf artiesten over artistiek gesleutel aan hun liefdesbaby.

Niels van der Laan en Jeroen Woe (rechts)

Niels van der Laan en Jeroen Woe (rechts)

ANITA DOTH (50) Zong in seizoen drie 2 Unlimiteds wereldhit ‘No limit’ (1993) als ‘Nønønø’.

‘Tot op de dag van vandaag noemen sommigen mij met een knipoog Miss Nono. Omdat ik door “No limit” – het refrein is no no no no no no no no no no no no there’s no limit! – dat woord ongelofelijk vaak gezongen heb en nog steeds zing. Ik vind die bijnaam wel grappig, je moet jezelf niet al te serieus nemen. Ik heb mijn nieuwe band zelfs Nono2solo genoemd. Daarin zing ik met Ingrid Simons nieuwe nummers en uiteraard oude hits waaronder “No limit”. Dus toen Niels van der Laan en Jeroen Woe mij vroegen voor Nønønø moest ik lachen.

Ik heb natuurlijk wel eerst de tekst goed bestudeerd om te zien of ik mij erin kon vinden. En dat was het geval. Het liedje ging over Zweden en hoe de regering daar met de corona-maatregelen omging. Ik herinner me dat het land alles los liet, terwijl wij hier juist streng bezig waren met lockdowns. Aanvankelijk werkte die andere benadering heel goed, maar later steeg het aantal corona-gevallen behoorlijk. Met Nønønø had ik als boodschap voor Zweedse toeristen: kom niet naar ons land. De toon was heel luchtig, anders had ik het niet gedaan. Ik heb ongelooflijk veel leuke en grappige reacties gehad op mijn optreden waar ik later op straat over aangesproken werd. Ik geloof dat het mijn enige optreden in 2020 was. Of nee: ik heb ook nog iets voor de Duitse televisie gedaan. Verder lag mijn hele ­business stil. Net zoals voor heel veel mensen uit het vak.

Ik ben blij dat alles nu weer op gang komt en dat ik “No limit” minstens weer een paar keer per maand kan zingen voor publiek. Met Nono2solo en Diva’s of Dance met wie ik ook optreed.’

JACQUES HERB (75) Zong in seizoen twee zijn ­klassieker ‘Manuela’ (1971) als ‘Marie Kondo’.

‘Mijn kennismaking met Even tot hier begon met het opnemen van een pilot die niet uitgezonden zou worden. Van mijn nummer “Een man mag niet huilen” hadden Woe en Van der Laan “Een man mag niet plassen” gemaakt, verwijzend naar die wildplassende militair Marco Kroon. Ik weet niet zeker of dat nummer nou eigenlijk alsnog de uitzending heeft gehaald. Maar tv-kijkers hebben mij wel kunnen zien met een satire op de Japanse opruimgoeroe “Marie Kondo” op de wijs van “Manuela”. Heel grappig. Verder is mij niet veel bijgebleven, het leven gaat zo snel. Ik kende die mevrouw ook helemaal niet.

Ik ben wel fan geworden van het programma. Ontzettend knap hoe die jongens actuele zaken met rake teksten op een humoristische wijze weten te brengen. En dat elke week weer. Van mij mogen ze de Gouden Televizier- Ring krijgen. En die Belgische muzikant die meedoet, die Miguel Wiels, ook. Fantastisch hoe hij in het ootje wordt genomen, ik was ooit met een Belgische vrouw getrouwd en weet precies hoe dat gaat met die moppen.

Heel erg leuk dat de makers denken aan senioren die al zolang bezig zijn. Ik zing “Manuela” sinds 1971, maar ik vind het ook leuk dat jongeren mijn zelfgeschreven lied “De toreador” uit 1970 ­kennen. Dat komt doordat Opgeblazen en Wilbert Pigmans er twee jaar geleden een carnavalsversie van hebben gemaakt. Het is geloof ik zo’n 19 miljoen keer gestreamd op Spotify, dat maakt mij enorm trots. Alsof het lied herboren is. Zo voel ik mij ook sinds corona, ik mag weer aan de slag. Want sinds die tijd weet ik het zeker: ik ben nog lang niet uitgezongen.’

ANITA MEYER (67) Zong samen met Lee Towers in seizoen zes het duet ‘Run to me’ (1985) als ‘Wanneer is het over?’

‘Woe en Van der Laan belden mij voor Kerstmis in het eerste coronajaar met de vraag of ik wilde kijken naar hun versie van “Run to me”: “Wanneer is het over?” En of ik ervoor zou voelen om het te komen zingen in hun programma. Thuis zijn we fan van Even tot hier: leuke gasten, actuele onderwerpen en grappige teksten.

Bovendien: satire die scherp is en prikkelt, maar die niet schoffeert. Ik houd er niet van wanneer mensen beledigd of gekleineerd worden. Ik wist dat zij het vaak hebben over dingen die iedereen vindt, waar toch al een beetje kritiek op is. En dat op luchtige wijze. Toch wilde ik even heel goed naar de tekst kijken om te zien of die wel bij mij paste. Ik bedoel: ik heb niet zo’n wild imago natuurlijk. Ik las het en dacht direct: leuk en tegelijkertijd raak. Ik had zelf net corona gehad, dikke ellende. Ik dacht ook: dat nummer wil ik met Leen doen want het gaat over de pandemie en grootouders die in die periode hun kinderen en kleinkinderen helaas minder kunnen zien. Wij beiden zaten in datzelfde schuitje. Kan en hoef je een keer niet te werken tijdens Kerstmis en dan nog lukt het niet die feestdagen door corona samen te vieren met je familie en geliefden. Het was in de tijd dat we op de Europese vaccinatie-ranglijst onderaan bungelden, alleen Bulgarije scoorde lager geloof ik. Iedereen snakte naar het einde van het virus: Wanneer is het over? Leen was meteen te vinden voor dat duet, we hebben natuurlijk heel veel samengewerkt. En we merkten dat we geen letter aan de tekst hoefden te veranderen: het klopte net zo goed als het ­origineel. Geweldig. Woe en Van der Laan zijn goede muzikanten en zangers.’

Satire die scherp is en prikkelt, maar die niet schoffeert.
Anita Meyer

HENNY HUISMAN (70) Zong in seizoen vijf zijn song ‘Snuitje’ (2012) als het ­‘Coronavirus-lied’.

‘Ik ken Niels en Jeroen al langer. Ze komen uit mijn buurt, hebben een tijd in de Zaanstreek gewoond. Dat schept een band. Ik heb ook met beiden in het programma De kwis gezeten, ontzettend leuk. Dus toen ze belden of ik een testopname wilde maken voor Even tot hier zei ik meteen ja. In die pilot speelde ik een medewerker van een modezaak die door een spraakverwarring iemand een Elvis-pak verkoopt in plaats van een kostuum waarmee hij naar een begrafenis moet. Een knipoog naar de Soundmixshow: ook nu hij niet meer op tv is blijft Henny maar doorgaan met zijn winkeltje vol outfits. Ik moest zelf erg om lachen om die parodie.

Dat ­filmpje is geloof ik wel ergens in Even tot hier beland.

Maar meer aandacht kreeg ik toen ze mijn nummer over mijn overleden paard Snuitje omtoverden tot het “Coronavirus-lied” waarbij ik rapte in een goudkleurig jasje. De jongens zijn scherp, actueel en kunnen enorm goed met de autocue omgaan. Het lijkt alsof ze een spontane dialoog hebben, maar in werkelijkheid is alles gescript. Knap. Ze hebben de lach aan hun kont hangen en gunnen elkaar de ruimte. Er is geen sprake van een klassieke rolverdeling zoals bij de Dikke en de Dunne met een aangever en een grappenmaker.

Ze wisselen elkaar af. Verder snijden ze altijd onderwerpen aan die leven waardoor mensen reageren omdat ze geraakt worden. Dat is goed. Joop van den Ende zei altijd tegen mij: “Henny het ergste is dat je iets maakt, daarmee optreedt op televisie en dat vervolgens niemand erover praat.” Heel gemeen: zoals bij Eddy Becker in de jaren 70 en 80 altijd het geval was.’

BEN CRAMER (75) Zong in seizoen een zijn klassieker ‘Hij was maar een clown’ (1971).

‘Mooi aan Niels van der Laan en Jeroen Woe vind ik dat zij de draak steken met allerlei onderwerpen en thema’s zonder ook de serieuze achtergrond uit het oog te verliezen. Zo brachten zij onder meer het milieu, Donald Trump, supermarktprijzen en politiek onder de aandacht. Mijn nummer “Hij was maar een clown” ging in deze context over de merkwaardige gewoonten en uitspraken van Thierry Baudet. Hoe en wat precies, weet ik niet meer. En ik doe verder ook geen uitspraken over Baudet, ik ben een zanger geen journalist of politicus.

Ik zing “Hij was maar een clown” sinds 1971, heb er duizenden keren mee opgetreden, en het spreekt nog altijd tot de verbeelding, zo blijkt ook uit de keuze van Woe en Van der Laan. We kochten de orkestband destijds voor 500 gulden in Frankrijk en Pierre Kartner maakte de tekst.

“De clown” is een klassieker geworden door de combinatie van de 6/8-maat – het meezingritme dat ook André Hazes’ “Een beetje verliefd” kenmerkt – en de intrieste inhoud. Ik bedoel: onbewust zijn we allemaal clowns die een masker opzetten om onze pijn of kwetsbaarheid voor de buitenwereld te verbergen. Je wilt mensen niet laten merken dat het niet goed met je gaat. Van “De clown” heb ik een tijd terug ook nog een jazzy versie gemaakt van meer dan zes minuten, het origineel duurt drie minuten. Het klinkt volwassener, mooier. Maar omdat op de radio geen songs van zes minuten worden gedraaid is het helaas vrij onbekend gebleven. Soms laat ik “De clown” uit mijn setlist, omdat het niet past. Ik ben nu bezig met een musical voor het 800-jarig bestaan van Boskoop en dat vind ik mooi omdat het totaal iets anders is. Maar ik zal altijd terugkeren bij “De clown”.’

Even tot hier, zondag om 22.00 op NPO 1

Praat mee

Heb je een vraag, suggestie of wil je gewoon iets kwijt? Dat kan hier. Lees onze spelregels.

avatar