Sfeerfoto van Pauw
Pauw
Pauw

Elke werkdag om 23:00 uur opnpo1

PAUW was de late night talkshow van BNNVARA met presentator Jeroen Pauw. Het gesprek van de dag met de hoofdrolspelers uit het nieuws, live vanuit Amsterdam.
Pauw

Ruzie met Peter, om het land te redden

2 okt 2015
  •  
leestijd 3 minuten
'Aan tafel!' riep Jeroen Pauw, of iets in die geest. We waren begonnen. Maar nog zonder mij - ik was een beetje groggy. Ik voelde een opkomende griep, en links van me zat Peter R. de Vries.

Dat laatste zou geruststellend moeten werken, want met Peter R. de Vries ben ik het meestal eens. En altijd wanneer hij Hero Brinkman in de haren vliegt, zoals vorige week nog. Dat gebeurde ook bij Pauw, maar toen lag ik thuis lekker op de chesterfield en zaten naast De Vries Brinkman en Dirk Scheringa, vanwege hun nieuwe ondernemerspartijtje. De Vries vroeg aan Scheringa of die zich niet schaamde, zij aan zij met een man die ooit de invoering van een kopvoddentaks had bepleit.

Goeie vraag, vond ik.

'Laat jij je betalen door Pauw?', probeerde Brinkman terug te slaan.

Dat vond ik een slechte vraag. Zeker voor iemand van een ondernemerspartij. En al helemaal in het bijzijn van Dirk Scheringa, de man van de woekerpolissen. Het was meer een gotspe.

Nu zat ik zelf op armlengte van de misdaadverslaggever. Het vreemde was dat ik hem twee dagen geleden fanmail had gestuurd. De Vries en ik kennen elkaar niet, nou ja, jaren geleden hadden we handen geschud, maar verder niks. En afgelopen weekend stuurde ik hem zomaar ineens een e-mail waarin ik schreef dat ik zijn commentaren 'prima besteed omroepgeld' vond. Ze zijn kraakhelder, meldde ik, genuanceerd, dapper en zónder gerommel uit de onderbuik.

Vond hij aardig.

Nu, twee dagen later, zaten we samen in de show, erg toevallig, maar ook een beetje gek, merkte ik. Ik stuur nooit zulke mails. Ook De Vries leek wat ongemakkelijk. We hadden, zeg maar, het omgekeerde van slaande ruzie - en dat met een vreemde.

Ondertussen zat aan mijn rechterknie Ferry Mingelen. Letterlijk, Pauw heeft namelijk een krap tafeltje, en mijn knie raakte Ferry's bovenbeen. Soms trok ik hem even terug, maar al snel zat ik er weer tegenaan.

Peter R. de Vries - van wie ik nu dus officieel fan was, besefte ik - moest als eerste aan de bak. Hij analyseerde Volkert-gate en het klonk weer prima, daar niet van, maar ik vroeg me toch af of De Vries extra druk ervoer nu hij wist dat ik hem zo goed vond. Hij kapittelde het geschutter op Justitie en hoe het mogelijk was dat minister Van der Steur op zo'n gevoelig dossier niet wist wat er wel en niet bekokstoofd was.

Volgens mij vond De Vries dat Van der Steur niet kon aanblijven. Daar ben ik het niet mee eens, schoot het door me heen.

Misschien omdat ik koorts had, of vanwege mijn lichamelijk contact met Ferry Mingelen (al die parlementaire elektronen), gebeurde er iets raars. Ik kreeg politieke visioenen. Als Van der Steur wordt weggestuurd, dacht ik, dan valt misschien het hele kabinet, en dan komen er verkiezingen, en die wint Wilders. En dan heeft Volkert van der G. alsnog de politieke loop van ons land bepaald.

Ik drukte mijn knie in Ferry. Er zat feitelijk maar één ding op en dat was ruzie maken met Peter R. de Vries, om het land te redden, en om een beetje tegenwicht te bieden aan mijn complimenten - maar ik kwam er niet tussen.