Sfeerfoto van Joop
Joop
Joop

Rutte negeerde archiefwet en wiste jarenlang elke dag sms’jes

Landsadvocaat: toestel premier had ruimte voor slechts 20 berichten
Joop

Een puntzakje met liefde

  •  
30-12-2011
  •  
leestijd 3 minuten
  •  
BNNVARA fallback image
Coauteur: Jody van der Kwaak
Wie kent het niet? De teleurstelling als nóg een muziekwinkel sluit, een boekwinkel of een groenteboer? Wie vindt het niet jammer? Dat elektronicazaakje van die aardige man, weggedrukt door de Mediamarkt? Dat kleine boetiekjes plaatsmaken voor grootwinkelbedrijven?
Wie vindt het niet erg? Het dierenleed, de veeziektes, de schade aan het milieu?
En wie is er nu echt tevreden met een massaproduct, vooral als het gaat om iets speciaals ‒ een cadeau, een aandenken of iets moois voor in de tuin? Wie wil dan eigenlijk niet iets unieks waaraan het werk en de aandacht zijn af te zien?
We klagen en we mopperen.
Maar het is een keuze.
Liever een lullig kookboekje  dan een mooi verzorgd werk. Gekocht op internet, want dat is twee euro goedkoper. Niemand betaalt toch graag te veel?
Of dan de bakker. Alleen op zaterdagochtend – als we er al aan toe komen, want de super is zo makkelijk. Ook voor de groente, want anders moet ik er apart de deur voor uit.
Biologisch vlees, of scharrel – ach, dat is toch te duur. Dan maar de kiloknaller – de antibiotica zitten er al in. Gemak dient de mens.
Een kunstwerk voor aan de muur, een sieraad of een kledingstuk – och, ’t is al gauw veel geld. Dan toch maar een poster van een tientje. Of een broek van twintig euro – gemaakt door kinderen in verre landen, maar daar kunnen wij toch niets aan doen?
We leggen de schuld graag bij de ander. Bij de openingstijden, de prijs, het beperkte assortiment. Of de overheid, die maatregelen moet nemen. Maar daar hoort het niet.
We zijn het zelf.
Wij zijn liever lui dan moe – of te belazerd om die paar euro te betalen voor kwaliteit, voor service, expertise, duurzaamheid of handwerk. Omdat het speciaal is, onderscheidend of gewoon mooi. Of omdat je het iemand gewoon gunt.
Zijn we zo geconditioneerd dat we kwaliteit niet meer zien, dat we geen prijs meer stellen op kennis en  vakmanschap?  Of gewoon op de knusheid, persoonlijke aandacht en bekendheid van een buurtwinkel of een zaakje in de stad?  Waar de klant nog koning is, geen wandelende zak met geld? Waar je koopt bij gedreven mensen met hart voor hun product?
Misschien zijn we wel verpest. Je zou het soms denken.
En toch – je hoort de klachten over kwaliteit, over service. De zorgen om het milieu, de stad, het dorp, de verdwijnende winkels en diensten.
En wie kent het niet? Het voldane gevoel als je tevreden weggaat? Bij die winkelier die jóu zag staan, die de tijd voor je nam? Die geen glad verhaal ophing, maar luisterde naar voor je wensen? Bij wie je terug wilt komen? Van wie je wat aanneemt, omdat je hem vertrouwt?
Genieten van een kwaliteitsproduct, handgemaakte schoenen, dat unieke sieraad bij dat gezellige winkeltje, een origineel, geblazen drinkglas – of een mooi ontworpen site? Waaraan je kan zien dat het met zorg en aandacht is gemaakt? Op een eerlijke en duurzame manier?
Van de smaak van écht lekker vlees, een goede wijn of versgemalen koffie? Thuis, of in een restaurant – bij die kok die níet uit pakjes kookt? Of, voor mijn part, bij die snackbar met de zelfgesneden friet – het puntzakje met liefde? Van een concert of een voorstelling, die je inspireert? Een belevenis die je verrijkt en die je jaren bijblijft? Van het zien en waarderen van bevlogenheid?
Laten we elkaar geen fabeltjes vertellen.
Sommige mensen kunnen het gewoon niet betalen. Dat is jammer.
Bijna niemand heeft geld voor altíjd de beste en het mooiste. En dat hoeft ook niet.
Niet iedere winkel is te redden. Internet verbreedt ook je bereik en biedt allerlei nieuwe kansen. Industrie heeft ons heel veel opgeleverd en doet dat nog steeds. En iedereen is druk en supermarkten zijn makkelijk en snel – en daar is op zichzelf niets mis mee.
Je houdt niet alles tegen, en dat moet je ook niet willen. De wereld verandert en vooruitgang heeft ook goede kanten. Heel veel zelfs.
Maar met al dat voorbehoud:
Kwaliteit en ambachtelijkheid voegen wel degelijk iets toe. Dat moeten we niet vergeten. Dat kost misschien wat meer, en misschien kan het niet elke dag en misschien moet je er iets voor laten. Maar dan heb je ook wat.
Is dat het niet gewoon waard?
Wij denken van wel.
Dit artikel is mede geschreven door Jody van der Kwaak, ontwerper en fotograaf.

Meer over:

opinie, leven

Praat mee

Heb je een vraag, suggestie of wil je gewoon iets kwijt? Dat kan hier. Lees onze spelregels.

avatar

Reacties (3)

divandiva2
divandiva230 dec. 2011 - 21:07

prioriteiten liggen nu alleen nog maar bij meer, snel en goedkoper en ik zie het gebeuren en baal als een stekker. ik wil graag mijn postzegels kopen en mijn geld opnemen op datzelfde postkantoor. mooi dat dat niet meer kan, gelukkig is de warme bakker en de kaasboer er nog wel maar voor hoe lang? de boekwinkel is gesneuveld en de orginele cadeauwinkeltjes, weg. en het valt nog mee bij mijn straat want tot nu maar de volgende buurtstraat ontvolkt in hoog tempo. ondertussen blijf ik maar pakjes moeten aannemen van allerlei buren die blijkbaar op internet bestellen en daarna weer lopen te mopperen dat dat dan weer tegen viel. ondertussen worden de kleine winkeliers niet ondersteund met een lager btw tarief en is er nog steeds geen vettax of een btwloos tarief voor gezond eten. het beleid is gericht op grootwinkelbedrijven,huisjesmelkerss die idiote huren persen uit kleine zelfstandigen en opgefokte onnadenkende consumenten die niet meer kunnen koken noch weten wat ze kopen. alles werd beter en effecienter en goedkoper met al die geweldige marktwerking, ik zie het nergens terug, alleen maar conglomeraten die machtiger en groter worden en onze keuzes beperken en de prijzen op drijven, winkels zijn niet alleen zo ten onder aan het gaan maar allerlei kleinschalige zaken en diensten, de ramen zijn hier al 3 jaar meer gewassen en mijn kruisvereniging is omgevormd tot een business net zoals de dokters, de ziekenhuizen en het ziekenfonds. solidariteit bestaat niet meer en menselijke maat een loze kreet en ondertussen speelt iedereen dat ze gelukkig zijn alleen zie ik dat gek genoeg maar zelden op straat, holle ogen en ontevreden neerwaarts gerichte mondhoeken en eindeloos gezeur en zelden tevreden. en die eenzame dappere winkelier perst er dan toch nog een glimlach uit voor types zoals ik die ze dankbaar in ontvangst neemt en nog blijft komen zolang het nog kan. bestaat er ook zoiets als achteruitgangsdenken? die vooruitgang die begin ik inmiddels op een aantal fronten goed beu te worden.

DitBenIk2
DitBenIk230 dec. 2011 - 21:07

Na een aantal garantie problemen kom ik een beetje terug van kopen in grote winkelketens. Ik koop nu mijn witgoed liever bij een lokale winkel, qua service is dat het waard. Maar ja, af en toe heeft de portemonnee het laatste woord, dat is de werkelijkheid.

Reprehensionem
Reprehensionem30 dec. 2011 - 21:07

Het is de vrije markt die regeert. We worden beïnvloedt en gemanipuleerd om ons aan te sluiten bij de wensen van de markt, en niet andersom. Gewillig kopen we het allemaal, alsof het ons leven zou verrijken. We leven in een oppervlakkige, neurotische tijd. En zo vrij zijn we niet. Paradox van het (neo)liberalisme: keuzevrijheid is een doel op zichzelf geworden. De inhoud of kwaliteit van een keuze staat niet langer ter discussie, wel de mate van vrijheid waarin deze genomen is. Dit draagt nog een paradox in zich: je moet uit vrije wil kiezen, een vorm van dwang en dus onvrijheid. Enkel het feit alleen al dat je moet kiezen is een vorm van dwang. Keuzebeperking of gematigde onvrijheid kan zelfs rust en een mate van zekerheid bieden. Daarom denk ik dat een obesitaks wel iets in zit. Mensen voelen zich nu eenmaal beter in een gezond lichaam. Mens sana in corpore sano. Wat je eet, is je eigen verantwoordelijkheid. Hierin ligt een paradox besloten: keuzevrijheid is een doel op zichzelf geworden. De inhoud of kwaliteit van een keuze staat niet langer ter discussie, wel de mate van vrijheid waarin deze genomen is. Dit draagt nog een paradox in zich: je moet uit vrije wil kiezen, een vorm van dwang en dus onvrijheid. Enkel het feit alleen al dat je moet kiezen is een vorm van dwang. Het gaat er dus niet om wat voor keuze je maakt betreft eten, als je maar keist.