Sfeerfoto van BNNVARA
BNNVARA

BNNVARA

Vóór vooruitgang, vrijheid en verandering

We denken dat het beter kan: open, gelijkwaardig en rechtvaardig. Dit bereiken we niet alleen, dus sluit jij je aan?

VOLG ONS

Hoe is het om als kind mishandeld te worden?

19 nov 2019
  •  
leestijd 3 minuten
Schermafbeelding 2019-11-18 om 11.58.35

Kim, Else en Dina werden als kind mishandeld. Nu zetten zij zich in voor de aanpak van kindermishandeling. En dat is hard nodig. Ieder jaar krijgen 119.000 kinderen te maken met kindermishandeling.

Kim van Laar

Kim van Laar

© Pauw

Kim werd emotioneel verwaarloosd. Ze nam als jong kind de zorg voor haar jongere zusje op zich. Op jonge leeftijd maakte ze zich al veel zorgen over thuis. Later werd ze ook nog seksueel misbruikt. ‘Voor een kind is verwaarlozing een vage term. Bij kindermishandeling denk je vaak aan kinderen die heel zwaar mishandeld worden. De verwaarloosde kinderen zijn vaak de meest onzichtbare groep', zegt ze in Pauw. Volgens Kim is het belangrijk te benoemen dat ouders dit niet bewust doen. Het zijn volgens haar de omstandigheden die maken dat het zo loopt. ‘Ik heb een heel ernstig gehandicapt zusje. Waar ik ook voor ging zorgen. Het is niet alsof dit bedacht wordt. Dit gebeurt gewoon met de tijd.’ Op latere leeftijd begon het seksuele misbruik, in de huiselijke kring.

Else

Else

© Pauw

Else voelde zich in haar kindertijd erg onveilig, tot het op een zeker moment zo ver ging dat ze uit huis geplaatst werd. Dit gebeurde toen ze veertien jaar was. ‘Dat vond ik een hele schokkende gebeurtenis. Ik kwam in een crisis-interventiewoning. Het is niet gezellig. Een huis waar acht tot negen jongeren wonen met hele verschillende achtergronden. Kinderen waarvan ze eigenlijk even niet zo goed weten waar ze die moeten laten.’ Else had het geluk maar enkele weken op deze plek te hoeven zitten. Daarna werd ze bij een pleeggezin geplaatst, waar ze heel liefdevol in het gezin werd opgenomen.

Dina

Dina

© Pauw

Dina werd als jong kind geconfronteerd met veel agressie en geweld. Haar vader sloeg haar moeder. ‘Dat was heel gewelddadig. Als pasgeboren kind werd ik daar al aan blootgesteld.’ Een vergeten groep, onder de kindermishandeling, noemt Dina het. ‘We zijn weggegaan bij mijn vader en hebben moeten vluchten.’ Vanaf dat moment verbleef ze in verschillende blijf-van-mijn-lijfhuizen. Ze leefde een aantal jaren in een veilige omgeving, tot de Raad voor de Kinderbescherming in een onderzoek voor een mogelijke omgangsregeling een fout maakte. ‘Ze hebben, terwijl wij een geheim adres hadden, mijn school benoemd in het verslag. Toen hebben wij opnieuw moeten vluchten en is het heel slecht gegaan.’

Vroeger was het voor hen moeilijk om over te praten. Ondertussen hebben ze het alle drie een plekje kunnen geven. Nu gebruiken ze hun verhaal om anderen te helpen. Else: ‘Het is niet meer actueel. Het is een afgesloten hoofdstuk. Voor mij is het nu geen ding meer. En door het nu in te kunnen zetten is het minder moeilijk.’


Volgens Kim is er veel mis met de huidige manier waarop de Raad voor de Kinderbescherming te werk gaat. ‘Het is natuurlijk ook een heel moeilijk probleem. Maar wat ik ook denk is dat het misgaat omdat er niet goed wordt gevraagd wat de mensen waar het om gaat nodig hebben. De mensen zelf worden er slecht bij betrokken.’

 

Voorlichting op scholen zou volgens Kim een belangrijke uitkomst kunnen bieden. ‘Het was voor mij heel erg fijn geweest als ik had geweten dat het niet oké is en dat ik hulp kon zoeken. Ik heb namelijk heel lang gedacht dat het mijn schuld was, dat ik niet goed genoeg mijn best had gedaan. En dat denken alle kinderen. Dat is ook een manier om te overleven. Want het is ook heel verdrietig om te denken dat het aan je ouders ligt. Dus je stopt eigenlijk met houden van jezelf in plaats van stoppen met houden van je ouders.’

 

Else herkent zich hier ook in. ‘Uithuisplaatsing wordt voor je beslist. Op een dag komt er een mevrouw en die zegt: "Ik ga je over twee dagen meenemen." Dan kreeg je te horen dat je naar een andere stad ging. Er werd niks met mij besproken. Op een dag staat daar een auto en mag je mee.’ Er wordt volgens Dina te snel overgegaan tot uithuisplaatsing. ‘De hulpverlener denkt als eerste aan het kind uit de situatie halen, en dat is zo zonde. Er zijn nog zoveel stappen daarvoor. Dat is echt het kind zien, er voor het kind zijn en luisteren.’